Uitspraak
RECHTBANK OOST-BRABANT
uitspraak van de enkelvoudige kamer van 3 november 2016 in de zaak tussen
[eiseres] , te [woonplaats] , eiseres
de heffingsambtenaar van de gemeente Nuenen, Gerwen en Nederwetten, verweerder
Procesverloop
Overwegingen
.Ook de gronden die zien op een mogelijk door verweerders gemeente in het verleden gemaakte fout, zullen buiten de beoordeling van het hier aan de orde zijnde geschil blijven. Hetzelfde geldt voor de beroepsgrond van eiseres over de integriteitscommissie. De zienswijze van twee raadsleden stukken die aan de rechtbank in deze procedure zijn toegezonden, acht de rechtbank evenmin relevant voor de beoordeling van dit geschil.
zienswijzeingediend met betrekking tot het ontwerpbestemmingsplan ‘Buitengebied, tweede herziening’ en daarnaast verzocht om aanvulling van het
ontwerpbestemmingsplan. Met de zienswijze en het verzoek is materieel hetzelfde beoogd, namelijk het perceel [adres] bestemd krijgen voor permanente bewoning in het nog vast te stellen ‘Bestemmingsplan, tweede herziening’. Dit was anders geweest als eiseres een gelijktijdig verzoek had gedaan tot herziening van het op dat moment nog geldende bestemmingsplan, hetgeen volgens 2.8.1 wel een heffingsgrondslag had kunnen vormen. Daarvan is hier geen sprake. Dat het college kennelijk wel een dergelijk verzoek heeft willen lezen in de brieven van eiseres en haar heeft gevraagd dit te bevestigen, en dat eiseres in haar brief van 20 december 2012 het college heeft gesommeerd te beslissen op haar ‘verzoek’, maakt evenmin dat eiseres een aanvraag heeft ingediend als bedoeld in onderdeel 2.8.1 van de Tarieventabel. De rechtbank stelt vast dat eiseres nooit heeft bevestigd dat haar verzoek als zodanig moest worden opgevat, terwijl het college om die bevestiging wel expliciet had gevraagd en die bevestiging ook als voorwaarde had gesteld voor het in behandeling nemen van een aanvraag: dat blijkt onmiskenbaar uit de tekst van de brief van het college van 4 januari 2013 (in rechtsoverweging 2 geciteerd). Naar het oordeel van de rechtbank heeft eiseres met haar brieven slechts haar zienswijze bekend gemaakt op een ontwerpbestemmingsplan. Voor het indienen van een zienswijze zijn geen leges verschuldigd. Deze beroepsgrond slaagt.