Op 29 december 2016 heeft verdachte te Vught het slachtoffer met een mes meerdere keren in hals en gezicht gestoken en een snijwond in de rug toegebracht. Verdachte werd beschuldigd van poging tot doodslag met voorbedachten rade en mishandeling. Tijdens de zittingen op 10 april en 15 mei 2017 werd het bewijs en de geestestoestand van verdachte onderzocht.
De rechtbank oordeelde dat verdachte weliswaar opzettelijk heeft gehandeld, maar niet met voorbedachten rade vanwege zijn psychotische toestand, zoals bevestigd door gedragsdeskundigen. Hierdoor is verdachte ontoerekeningsvatbaar en wordt hij ontslagen van alle rechtsvervolging. Wel wordt een maatregel van terbeschikkingstelling met bevel tot verpleging opgelegd.
Daarnaast is verdachte veroordeeld tot het betalen van een schadevergoeding van €1885 aan het slachtoffer, bestaande uit €1500 immateriële en €385 materiële schade, vermeerderd met wettelijke rente. Bij niet-betaling geldt een vervangende hechtenis van 28 dagen. De rechtbank wijst overige vorderingen af als onevenredige belasting van het strafgeding.