Uitspraak
RECHTBANK OOST-BRABANT
1.De tenlastelegging.
2.De formele voorvragen.
3.Bronnen.
4.Inleiding.
5.Het standpunt van de officier van justitie.
6.Het standpunt van de verdediging.
7.De bewijsmiddelen.
8.Het oordeel van de rechtbank.
- Het enkele gebruik van voornoemde twee telefoonnummers rondom het delict, waarbij sprake is van een gebruikspiek in de avond/nacht van het delict en de nacht ervoor.
- Er sprake is van een één op één lijn en er nagenoeg alleen per sms wordt gecommuniceerd.
- Er gebruik wordt gemaakt van eenvoudige toestellen uit dezelfde batch.
- Beide nummers direct na de liquidatie in dezelfde richting bewegen, waarna ze voorgoed uit het Nederlandse telecomnetwerk verdwijnen.
- De parallellen tussen het communicatiepatroon en locatie van de nummers op de avond van de liquidatie en de avond ervoor, terwijl ook het slachtoffer gedurende beide avonden/nachten in de omgeving van café [naam café] was en hij in die periode in het Van der Valk hotel verbleef.
De rechtbank concludeert op grond van het voorgaande, in onderlinge samenhang bezien, dat het niet anders kan zijn dan dat [verdachte ] de gebruiker is van de tipgevertelefoon.
- ANPR-cameraregistraties;
- telecomgegevens;
- de aankoop van sigaretten samen met een opwaardeerkaart.
9.De bewezenverklaring.
10.De strafbaarheid van het feit.
11.De strafbaarheid van verdachte.
12.Oplegging van straf en/of maatregel.
- een gevangenisstraf van 9 jaren met aftrek overeenkomstig artikel 27 van Pro het Wetboek van Strafrecht;
- opheffing van de schorsing van de voorlopige hechtenis.