ECLI:NL:RBOBR:2017:6802
Rechtbank Oost-Brabant
- Op tegenspraak
- W.M. Callemeijn
- Rechtspraak.nl
Beoordeling van ontslag op staande voet na weigering standplaatswijziging bij Ryanair
Verzoekster, een Poolse cabinemedewerkster in dienst bij Ryanair sinds 2012, was sinds 2014 geplaatst te Eindhoven. Ryanair wilde haar standplaats per 1 juli 2017 eenzijdig wijzigen naar Dublin, wat zij weigerde vanwege haar persoonlijke omstandigheden en definitieve vestiging in Eindhoven. Zij verscheen ook niet op hoorzittingen georganiseerd door Ryanair over de overplaatsing. Ryanair sprak daarop ontslag op staande voet uit.
De kantonrechter stelde vast dat de Nederlandse rechter bevoegd is op grond van Brussel I herschikt, artikel 21 lid 1 sub b onder Pro i, omdat verzoekster haar werkzaamheden gewoonlijk in Eindhoven verrichtte. Het toepasselijke recht is Iers recht, conform de rechtskeuze in de arbeidsovereenkomst en artikel 8 Rome Pro I, omdat het wijzigingsbeding niet in strijd is met Nederlandse dwingende bepalingen.
De weigering van verzoekster om mee te werken aan de standplaatswijziging en het niet verschijnen op hoorzittingen kwalificeert volgens Iers recht als 'gross misconduct', rechtvaardigend ontslag op staande voet. Verzoeksters vorderingen op grond van Nederlandse wetgeving werden afgewezen. Zij werd veroordeeld tot betaling van de proceskosten.
Uitkomst: Het ontslag op staande voet is rechtsgeldig gegeven en de vorderingen van verzoekster worden afgewezen.