Uitspraak
RECHTBANK OOST-BRABANT
[verzoeker 1] ,
de burgemeester van de gemeente Oss, de burgemeester
Procesverloop
Overwegingen
“3. Bevindingen
”
Rechtbank Oost-Brabant
De burgemeester van Oss besloot op 16 mei 2018 tot sluiting van een woonwagen, standplaats en bijgebouwen voor drie maanden op grond van artikel 13b van de Opiumwet, vanwege aangetroffen handel in cocaïne op het perceel. Verzoeksters maakten bezwaar en vroegen de voorzieningenrechter om een voorlopige voorziening.
De voorzieningenrechter oordeelde dat het perceel als één samenhangend geheel moet worden gezien en dat de burgemeester bevoegd was tot sluiting. Hoewel de rechtmatigheid van het besluit niet volledig vaststond, was er voldoende basis voor sluiting vanwege de drugshandel. Verzoeksters voerden echter aan dat zij niets wisten van de handel en dat zij vanwege gezondheidsproblemen gebonden zijn aan hun woonwagen.
De voorzieningenrechter nam de gezondheidsverklaringen van een verzoekster serieus, die afhankelijk is van een concentrator voor zuurstofvoorziening. Gezien de mogelijke ernstige gevolgen van verplaatsing, woog het belang van verzoeksters zwaarder dan het belang van de burgemeester bij snelle sluiting. De voorlopige voorziening werd daarom toegewezen, het besluit geschorst en de burgemeester veroordeeld tot betaling van proceskosten.
Uitkomst: Het verzoek om voorlopige voorziening tegen de sluiting van het perceel wordt toegewezen en het besluit geschorst.