Uitspraak
RECHTBANK OOST-BRABANT
Partybike,
Rechtbank Oost-Brabant
In deze civiele procedure vordert eiser schadevergoeding van gedaagde wegens een ongeval met een plezierfiets. De rechtbank beoordeelt de bewijslevering van eiser over het bouwjaar van de plezierfiets en de noodzaak en kosten van het inhuren van een bierfiets ter voortzetting van de bedrijfsvoering.
Eiser heeft getracht te bewijzen dat de plezierfiets in 2010 is gebouwd met een verklaring van een bouwer, maar deze verklaring voldeed niet aan de bewijsvereisten. Hierdoor kon het bouwjaar niet worden vastgesteld en werd de schade geschat op 25% van de nieuwwaarde, zijnde €4.500.
Daarnaast slaagde eiser er niet in te bewijzen dat hij acht weken lang een bierfiets heeft moeten huren en daarvoor €3.200 heeft betaald, omdat de overgelegde stukken onvoldoende waren om de noodzaak en betaling aan te tonen.
De rechtbank verklaart gedaagde aansprakelijk en kent een schadevergoeding toe van €4.681,50 inclusief wettelijke rente. De proceskosten worden gecompenseerd zodat iedere partij haar eigen kosten draagt. De vordering tot betaling van overige kosten wordt afgewezen.
Uitkomst: Gedaagde wordt aansprakelijk gesteld en veroordeeld tot betaling van €4.681,50 schadevergoeding met wettelijke rente, proceskosten worden gecompenseerd.