AI samenvatting door Lexboost • Automatisch gegenereerd
Gevangenisstraf wegens seksueel binnendringen van minderjarig meisje onder zorg en waakzaamheid
De rechtbank Oost-Brabant heeft verdachte veroordeeld voor meervoudige seksuele handelingen die bestaan uit seksueel binnendringen van een meisje onder de twaalf jaar, dat aan zijn zorg en waakzaamheid was toevertrouwd. De feiten vonden plaats tussen september 2016 en maart 2018 in Eindhoven. Het slachtoffer deed tijdens een studioverhoor gedetailleerde en authentieke verklaringen over de handelingen, die werden ondersteund door DNA-sporen gevonden op een roze vibrator en een elektrische tandenborstel.
De verdediging pleitte integrale vrijspraak en voerde aan dat het slachtoffer mogelijk was beïnvloed door suggestieve vragen, maar de rechtbank vond dit niet aannemelijk. Verdachte bagatelliseerde zijn gedrag, maar de rechtbank hechtte meer waarde aan het slachtofferverklaring en het forensisch bewijs. De rechtbank kwalificeerde de handelingen als seksueel binnendringen en sprak verdachte vrij van overige ten laste gelegde feiten die niet bewezen konden worden.
Bij de strafoplegging hield de rechtbank rekening met de ernst van de feiten, het vertrouwen dat werd geschonden, en de blijvende nadelige gevolgen voor het slachtoffer. Ook werd een psychologisch rapport meegewogen waarin sprake was van een pedofiele stoornis bij verdachte, wat leidde tot een vermindering van de toerekening. De rechtbank legde een gevangenisstraf van 42 maanden op, waarvan 6 maanden voorwaardelijk met bijzondere voorwaarden, en veroordeelde verdachte tot betaling van schadevergoeding van €1.583,50 aan het slachtoffer.
Uitkomst: Verdachte is veroordeeld tot 42 maanden gevangenisstraf, waarvan 6 maanden voorwaardelijk, en een schadevergoeding van €1.583,50 aan het slachtoffer.
Voetnoten
1.Wanneer hierna wordt verwezen naar een proces-verbaal, wordt – tenzij anders vermeld – bedoeld een proces-verbaal, opgemaakt in de wettelijke vorm door daartoe bevoegde opsporingsambtenaren opgenomen in het einddossier van de politie eenheid Oost-Brabant, Dienst Regionale Recherche Zeden onderzoek OBRBC18046 Beardmore, registratienummer 2018053767, aantal pagina’s: 282. Waar wordt verwezen naar bijlagen betreffen dit de bijlagen opgenomen in genoemd einddossier.
2.Verklaring van [aangeefster] d.d. 22 maart 2018, proces-verbaal pag. 48.
3.Verklaring van [aangeefster] d.d. 22 maart 2018, proces-verbaal pag. 49.
4.Verklaring van [aangeefster] d.d. 22 maart 2018, proces-verbaal pag. 50.
5.Akte van geboorte van gemeente Eindhoven betreffende [slachtoffer] d.d. 27 september 2018.
6.Verbatim studioverhoor van [slachtoffer] d.d. 22 maart 2018, proces-verbaal pag. 76.
7.Verbatim studioverhoor van [slachtoffer] d.d. 22 maart 2018, proces-verbaal pag. 79.
8.Verbatim studioverhoor van [slachtoffer] d.d. 22 maart 2018, proces-verbaal pag. 80.
9.Verbatim studioverhoor van [slachtoffer] d.d. 22 maart 2018, proces-verbaal pag. 81.
10.Verbatim studioverhoor van [slachtoffer] d.d. 22 maart 2018, proces-verbaal pag. 82.
11.Verbatim studioverhoor van [slachtoffer] d.d. 22 maart 2018, proces-verbaal pag. 83.
12.Verbatim studioverhoor van [slachtoffer] d.d. 22 maart 2018, proces-verbaal pag. 84.
13.Verbatim studioverhoor van [slachtoffer] d.d. 22 maart 2018, proces-verbaal pag. 86.
14.Verbatim studioverhoor van [slachtoffer] d.d. 22 maart 2018, proces-verbaal pag. 88.
15.Verbatim studioverhoor van [slachtoffer] d.d. 22 maart 2018, proces-verbaal pag. 95.
16.Verbatim studioverhoor van [slachtoffer] d.d. 22 maart 2018, proces-verbaal pag. 98.
17.Verbatim studioverhoor van [slachtoffer] d.d. 22 maart 2018, proces-verbaal pag. 99.
18.Verbatim studioverhoor van [slachtoffer] d.d. 22 maart 2018, proces-verbaal pag. 100.
19.Verbatim studioverhoor van [slachtoffer] d.d. 22 maart 2018, proces-verbaal pag. 101.
20.Proces-verbaal sporenonderzoek d.d. 26 maart 2018, proces-verbaal pag. 144.
21.Proces-verbaal sporenonderzoek d.d. 26 maart 2018, proces-verbaal pag. 147.
22.NFI rapport onderzoek naar biologische sporen en DNA-onderzoek naar aanleiding van een aangifte van een zedenmisdrijf gepleegd in Eindhoven op 20 maart 2018 d.d. 4 juli 2018.
23.Verklaring van verdachte afgelegd ter terechtzitting d.d. 1 oktober 2018.