De rechtbank Oost-Brabant heeft vastgesteld dat verdachte op 5 juli 2017, 10 februari 2018 en 12 februari 2018 mishandeling heeft gepleegd jegens drie slachtoffers. Hoewel de mishandelingen wettig en overtuigend bewezen zijn, wordt verdachte ontslagen van alle rechtsvervolging omdat hij door een verstandelijke ontwikkelingsstoornis niet toerekeningsvatbaar is.
Het Pieter Baan Centrum rapporteerde een matige verstandelijke beperking met een ontwikkelingsachterstand en psychische problematiek, waaronder waanbelevingen. Hierdoor kon verdachte zijn gedrag niet reguleren en was hij niet in staat de gevolgen van zijn handelen te overzien. De rechtbank volgt dit advies en acht strafoplegging niet passend.
Wel wordt een maatregel opgelegd tot plaatsing in een psychiatrisch ziekenhuis voor de duur van één jaar om het recidivegevaar te beperken en de maatschappelijke veiligheid te waarborgen. Daarnaast worden immateriële en materiële schadevergoedingen toegekend aan de slachtoffers, met een vervangende hechtenis van één dag bij niet-betaling.