Uitspraak
RECHTBANK OOST-BRABANT
1.[eiser sub 1] ,
[eiseres sub 2]
[eiser sub 3],
ONDERWIJSSTICHTING DE KEMPEN,
1.De procedure
- het tussenvonnis van 1 maart 2017, met de daarin genoemde stukken,
- de akte indienen nadere producties van [eisers] , met producties 41-44,
- de akte aanvullend verweer van Onderwijsstichting De Kempen, met producties 3-5,
- de akte indienen nadere producties van [eisers] , met producties 45-46,
- het proces-verbaal van comparitie van 5 juli 2017, met de daarin genoemde stukken,
- de akte uitlating proces-verbaal van [eisers] ,
- de akte uitlating van Onderwijsstichting De Kempen.
2.De feiten
- het gebruik van Kurzweil;
- ingesproken studieboeken voor een vak naar keuze;
- gebruik van een studieschrift voor de talen;
- tips voor extra oefenmateriaal voor de talen;
- onderzoeken van de mogelijkheid dat [eiser sub 3] de docent om hulp vraagt wanner hij de vraag niet correct leest/snapt;
- onderzoeken of bijles door een bovenbouw leerling mogelijk is voor Nederlands en Engels;
- onderzoeken van de mogelijkheden voor aangepaste normering/aangeboden stof (Duitslandkunde);
- onderzoeken mogelijkheden voor extra Nederlands/Engels tijdens de lessen Frans/Duits.
- het gebruik van een laptop met spellingcontrole (Havo/Vwo);
- aangepaste beoordeling van spelling (VMBO);
- indien gewenst: vergroot afgedrukte toetsen;
- andere invulling (Frankrijkkunde, Duitslandkunde) bij de vakken Frans en Duits zodat een ontzettend grote studielast ontnomen wordt. Wel kan de leerling in dit geval niet meer op vwo terecht komen. Ook kan in de bovenbouw van de havo geen Duits en Frans meer gekozen worden.
- extra oefenmateriaal voor de talen.
- ondersteuning bij de talen door docent d.m.v. studieschrift.
- ondersteuning door leerling bovenbouw havo-vwo.
- ingesproken studieboeken bij bepaalde vakken.
3.Het geschil
4.De beoordeling
Dat de school te weinig tijd heeft gekregen om haar zorgplicht waar te maken volgt de rechtbank niet. Gelet op wat hiervoor reeds is overwogen deelt de rechtbank het oordeel van het CRM dat de school zeker niet voldoende voortvarend en slagvaardig te werk is gegaan. Ook de wijze waarop er regelmatig (veel) tijd verstreken is voordat de school met antwoorden op verzoeken kwamen, dragen niet bij aan de overtuiging van het tegendeel.
De rechtbank kan ook de keuze van eisers volgen om – bij een dergelijk ervaren gebrek aan vertrouwen – snel te handelen in het belang van [eiser sub 3] . En om daarbij te kiezen voor een school waar de inmiddels in het eerste deel van het schooljaar opgelopen achterstand – blijkend uit de cijfers die [eiser sub 3] haalde – in de resterende periode van het jaar in zou kunnen worden gehaald.
Voor zover de rechtbank uit de stelling van [eisers] moet begrijpen dat analoge toepassing aan de orde is omdat door de keuze van [eisers] is voorkomen dat [eiser sub 3] studievertraging heeft opgelopen, stelt de rechtbank vast dat de grondslag daarvoor te vinden is in de schadebeperkingsplicht. Op die schadebeperkingsplicht hebben [eisers] hun primaire vordering gegrond en daarover is hiervoor reeds geoordeeld.
1.158,00(2,0 punten × tarief € 579,00)