ECLI:NL:RBOBR:2019:3384
Rechtbank Oost-Brabant
- Op tegenspraak
- Rechtspraak.nl
Ontbinding huurovereenkomst en ontruiming wegens huurachterstand en wanprestatie verhuurder
De huurder [gedaagde sub 1] huurt sinds 2007 een woning van [eiseres], met een laatste schriftelijke overeenkomst uit 2014 die stilzwijgend is verlengd. De huurprijs is verlaagd naar € 1.250,- per maand. De huurder is in gebreke gebleven met betalingen, waardoor een aanzienlijke huurachterstand is ontstaan.
[eiseres] vordert ontbinding van de huurovereenkomst, ontruiming en betaling van achterstallige huur en buitengerechtelijke kosten. [gedaagde sub 1] voert verweer dat de huurovereenkomst is vervallen en stelt dat hij huur heeft opgeschort wegens gebreken aan het gehuurde en vordert herstel en schadevergoeding.
De rechtbank oordeelt dat de huurovereenkomst stilzwijgend is verlengd en dat de huurprijs onbetwist is. De gestelde gebreken zoals bestrating, vijver, schuurdeur, zonneluifel, plafond, bomen, bloembak, vliegenplaag en keuken worden door de kantonrechter niet als gebreken erkend of onvoldoende onderbouwd. De vorderingen van [gedaagde sub 1] worden afgewezen. De huurachterstand rechtvaardigt ontbinding en ontruiming binnen vier maanden.
De rechtbank veroordeelt [gedaagde sub 1] tot betaling van de huurachterstand, wettelijke rente, buitengerechtelijke kosten en proceskosten. De vordering tot ontruiming wordt toegewezen, maar zonder dwangsom. De vorderingen van [gedaagde sub 1] in reconventie worden afgewezen.
Uitkomst: De huurovereenkomst wordt ontbonden en de huurder en stichting veroordeeld tot ontruiming en betaling van achterstallige huur en kosten.