ECLI:NL:RBOBR:2019:4807
Rechtbank Oost-Brabant
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Beoordeling beroep tegen afwijzing zorgtoeslag over 2017 wegens overschrijding vermogensgrens
Eiser heeft bezwaar gemaakt tegen het besluit van de Belastingdienst Toeslagen waarbij zijn zorgtoeslag over het jaar 2017 definitief op nihil is vastgesteld en het reeds uitgekeerde voorschotbedrag is teruggevorderd. Volgens eiser is het vermogen onjuist berekend omdat hij uitgaat van een andere berekeningswijze waarbij het vermogen lager uitkomt dan de gehanteerde vermogensgrens.
De Belastingdienst heeft het vermogen vastgesteld op basis van de grondslag sparen en beleggen van zowel eiser als zijn toeslagpartner, inclusief groene beleggingen, wat resulteert in een bedrag boven de vermogensgrens van € 82.752,00. De rechtbank oordeelt dat de Belastingdienst de juiste gegevens heeft gebruikt en het besluit correct is genomen.
De rechtbank wijst het beroep af en verklaart het ongegrond. Er is geen aanleiding voor een proceskostenveroordeling. Partijen is medegedeeld dat tegen deze uitspraak hoger beroep kan worden ingesteld bij de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State binnen zes weken na verzending van het proces-verbaal.
Uitkomst: Het beroep tegen het besluit tot nihil vaststelling van de zorgtoeslag 2017 wordt ongegrond verklaard vanwege overschrijding van de vermogensgrens.