De rechtbank Oost-Brabant deed op 24 september 2019 een tussenuitspraak in het beroep tegen de omgevingsvergunning voor een zonnepark in Heesch, verleend op 14 februari 2019. Eisers stelden dat het besluit strijdig was met diverse ruimtelijke plannen en onvoldoende was onderbouwd. De rechtbank oordeelde dat het besluit op onderdelen gebreken vertoont, met name ten aanzien van de onderbouwing volgens artikel 6.19 van de Verordening ruimte Noord-Brabant, onvoldoende onderzoek naar weerkaatsing van zonlicht en geluidseffecten, en een niet geborgde landschappelijke inpassing.
De rechtbank verwierp diverse beroepsgronden, zoals strijd met het bestemmingsplan en structuurplan, en oordeelde dat het zonnepark past binnen het gemeentelijk beleid voor duurzame energie. Ook werd geoordeeld dat de netaansluiting wettelijk is gewaarborgd. Wel werden de gebreken in het besluit erkend en verweerder in de gelegenheid gesteld deze binnen acht weken te herstellen.
Het beroep van enkele eisers werd niet-ontvankelijk wegens gebrek aan belang of het niet tijdig indienen van zienswijzen. De rechtbank benadrukte dat het herstelbesluit van 11 juni 2019 niet alle gebreken herstelt. De uitspraak is een tussenuitspraak, waarbij verdere beslissing wordt aangehouden totdat het herstelbesluit is beoordeeld.