Uitspraak
RECHTBANK OOST-BRABANT
1.De procedure
- de dagvaarding van 28 augustus 2019 met 14 producties;
- het verzoek akte uitlating niet ontvankelijkheid van mr. Kneepkens van 3 september 2019 met daaraan gehecht een productie;
- de akte wijziging van eis van 6 september 2019 met de producties 15 tot en met 17;
- de conclusie van antwoord, tevens houdende de eis in reconventie;
- de mondelinge behandeling op 9 september 2019;
- de pleitnota van de man;
- de aanhouding van het vonnis in afwachting van door de vrouw over te leggen stukken en een nog te geven nadere toelichting voor wat betreft de berekening van de alimentatievordering die de vrouw op de man stelt te hebben en waarvoor executoriaal beslag is gelegd;
- de brief van mr. Kneepkens van 11 september 2019 met een deel van de ontbrekende stukken en een nadere onderbouwing van de vordering;
- de brief van mr. Simons van 13 september 2019 met een inhoudelijke reactie op de door de vrouw gegeven onderbouwing van de vordering;
- de brief van mr. Kneepkens van 13 september 2019.