ECLI:NL:RBOBR:2019:7800

Rechtbank Oost-Brabant

Datum uitspraak
5 juli 2019
Publicatiedatum
6 augustus 2021
Zaaknummer
01-233739-18
Instantie
Rechtbank Oost-Brabant
Type
Uitspraak
Rechtsgebied
Strafrecht
Uitkomst
Veroordeling
Procedures
  • Eerste aanleg - enkelvoudig
Rechters
  • C. Sangers-de Jong
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Aangehaalde wetgeving Pro
Art. 23 SrArt. 24 SrArt. 24c SrArt. 57 SrArt. 310 Sr
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Veroordeling voor opzettelijke overtreding Opiumwet en diefstal met verbreking

Op 5 juli 2019 heeft de politierechter van de Rechtbank Oost-Brabant uitspraak gedaan in de zaak tegen verdachte geboren in 1963. Verdachte werd beschuldigd van twee feiten: opzettelijk handelen in strijd met een verbod uit artikel 3 onder Pro B van de Opiumwet en diefstal waarbij het weg te nemen goed onder zijn bereik werd gebracht door middel van verbreking.

De feiten vonden plaats in de periode van 1 mei 2015 tot en met 3 augustus 2015. De rechtbank heeft de schuld van verdachte vastgesteld en heeft toepassing gegeven aan de artikelen 23, 24, 24c, 57, 310 en 311 van het Wetboek van Strafrecht en de artikelen 3 en 11 van de Opiumwet.

De uitspraak luidde dat verdachte voor beide feiten een geldboete van 1000 euro opgelegd krijgt, met als subsidiaire straf 20 dagen hechtenis. Hiermee is de strafrechtelijke verantwoordelijkheid van verdachte vastgesteld voor de genoemde strafbare feiten.

Uitkomst: Verdachte is veroordeeld tot een geldboete van 1000 euro, subsidiair 20 dagen hechtenis.

Uitspraak

aantekening mondeling vonnis
RECHTBANK Oost-Brabant
Locatie Eindhoven
Parketnummer: 01-233739-18
Volgnummer: 2
Uitspraak van de politierechter, mr. C.1. Sangers-de Jong, van vrijdag 05 juli 2019, in de zaak
tegen verdachte
[verdachte] ,
geboren op [geboortejaar] 1963 te [geboorteplaats]
[adres]
Tegenspraak

KWALIFICATIE:

T.a.v. feit 1: opzettelijk handelen in strijd met een in artikel 3 onder Pro B van de Opiumwet gegeven
verbod
T.a.v. feit 2: diefstal, waarbij de schuldige het weg te nemen goed onder zijn bereik heeft
gebracht door middel van verbreking

GEPLEEGD:

T.a.v. feit 1: 1-05-2015 t/m 3-08-2015
T.a.v. feit 2: 01-05-2015 t/m 03-08-2015

TOEGEPASTE ARTIKELEN:

23, 24, 24c, 57, 310, 311 Wetboek van Strafrecht
3, 11 Opiumwet

BESLISSING:

T.a.v. feit 1, feit 2:
Een geldboete ter hoogte van 1000,00 euro subsidiair 20 dagen hechtenis
De politierechter,