Verzoeker heeft een wrakingsverzoek ingediend tegen een rechter in zes insolventiezaken wegens vermeende partijdigheid en vooringenomenheid. Het verzoek betrof onder meer het een-op-een overnemen van een brief van de curator door de rechter tijdens de mondelinge behandeling, zonder dat verzoeker en zijn gemachtigde voldoende tijd hadden om zich op de inhoud voor te bereiden.
De wrakingskamer heeft beoordeeld dat een rechter slechts gewraakt kan worden bij bijzondere omstandigheden die een zwaarwegende aanwijzing vormen voor partijdigheid of de objectief gerechtvaardigde vrees daarvoor. In deze zaak ontbraken dergelijke concrete feiten. De vermeende onzorgvuldigheden bij het tijdig verstrekken van stukken en het aantal pagina’s vormden geen aanwijzing voor partijdigheid.
De rechter had verzoeker bovendien de gelegenheid gegeven tot een leespauze, welke niet is benut. Ook had verzoeker de mogelijkheid om tijdens de zitting het bespreken van reeds behandelde zaken aan de orde te stellen. De wrakingskamer concludeerde dat het verzoek niet gegrond is en wees het af. Tegen deze beslissing staat geen rechtsmiddel open.