Uitspraak
RECHTBANK OOST-BRABANT
[verdachte] ,
De tenlastelegging.
1. op of omstreeks 22 november 2014, in elk geval in of omstreeks de periode
2. op of omstreeks 17 april 2015 te [gemeente 1] , twee, althans een, mobiele
telefoon(s) merk IPhone (incident 4, dossier heling); en/of
3. op of omstreeks 14 mei 2015, in elk geval in of omstreeks de periode van
4. op of omstreeks 28 juli 2015, in elk geval in of omstreeks de periode van
5. op of omstreeks 21 september 2015, in elk geval in of omstreeks de periode
1. op of omstreeks 22 november 2014, in elk geval in of omstreeks de periode
2. op of omstreeks 17 april 2015 te [gemeente 1] , twee, althans een, mobiele
telefoon(s) merk IPhone (incident 4, dossier heling); en/of
3. op of omstreeks 14 mei 2015, in elk geval in of omstreeks de periode van
4. op of omstreeks 28 juli 2015, in elk geval in of omstreeks de periode van
5. op of omstreeks 21 september 2015, in elk geval in of omstreeks de periode
1.
2.
3.
4.
5.
De formele voorvragen.
Bewijs.
- Feit 1: feitelijk leidinggeven aan het gewoonte maken van opzetheling door het [rechtspersoon] tussen 1 november 2014 en 22 maart 2016;
- Feit 2: verkopen van cocaïne tussen 1 januari 2015 en 22 maart 2016;
- Feit 3: aanwezig hebben van cocaïne op 22 maart 2016 in de ten laste gelegde hoeveelheden;
- Feit 1: feitelijk leiding geven aan niet voldoen aan de aantekeningverplichting door het [rechtspersoon] tussen 1 januari 2015 en 22 maart 2016;
- Feit 2: gebruik maken van drie valse documenten tussen 1 september 2015 en
- Feit 3: feitelijk leiding geven aan gewoonte maken van schuldwitwassen door het verhullen van de herkomst van gouden voorwerpen door het [rechtspersoon] tussen 1 januari 2014 en 22 maart 2016;
- Feit 4: het witwassen van een woning tussen 1 juli 2015 en 22 maart 2016.
De gebezigde bewijsmiddelen.
Overwegingen ten aanzien van het bewijs.
De bewezenverklaring.
Subsidiair:
[rechtspersoon] meermalen, in de periode van 15 november 2014 tot en met 21 september 2015 te [gemeente 1] , (telkens) een of meer goederen, te weten
2. op 17 april 2015 te [gemeente 1] , twee mobiele telefoons merk IPhone (incident 4, dossier heling); en
3. op 14 mei 2015, te [gemeente 1] een computer, merk Apple Imac (incident 5, dossier heling); en
4. op 28 juli 2015, te [gemeente 1] een horloge, merk Omega, type Seamaster (incident 2, dossier heling);
heeft verworven en voorhanden gehad, terwijl zij telkens ten tijde van de verwerving of het voorhanden krijgen van die goederen redelijkerwijs hadden moeten vermoeden, dat het door misdrijf verkregen goederen betrof, zulks terwijl hij, verdachte, telkens feitelijke leiding heeft gegeven aan bovenomschreven verboden gedragingen;
1.
[rechtspersoon] in de periode van 1 januari 2015 tot en met 22 maart 2016 te [gemeente 1] als pandhuis, zijnde een bij algemene maatregel van bestuur [Staatsblad] ) aangewezen handelaar, in de uitoefening van haar beroep of bedrijf niet heeft voldaan aan de in artikel 437, eerste lid onder a en/of onder b van het Wetboek van Strafrecht gestelde verplichting om met inachtneming van de bij voormelde algemene maatregel van bestuur gestelde regels onder een doorlopende nummering aantekening te houden van alle door haar verworven en/of voorhanden gehouden gebruikte of ongeregelde goederen, met vermelding van de data van aankoop, een omschrijving van de goederen waaronder zoveel mogelijk de soort, merk en nummer van het goed, de koopprijs, alsmede namen en adressen van haar leveranciers, zulks terwijl hij, verdachte, feitelijke leiding heeft gegeven aan bovenomschreven verboden gedragingen;
2.
euro 30.000 en bij de vraag 'Zijn er voornemens het dienstverband binnenkort te Beëindigen' was vermeld/aangegeven: 'nee'; en
4.
De strafbaarheid van het feit.
De strafbaarheid van verdachte.
Oplegging van straf en/of maatregel.
2 maanden opleggen. Daarnaast zal de rechtbank het door de officier van justitie geëiste beroepsverbod van 5 jaar opleggen.