ECLI:NL:RBOBR:2020:2038

Rechtbank Oost-Brabant

Datum uitspraak
27 maart 2020
Publicatiedatum
7 april 2020
Zaaknummer
C/01/356334 / FA RK 20 - 969
Type
Uitspraak
Uitkomst
Toewijzend
Procedures
  • Eerste aanleg - enkelvoudig
Rechters
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Aangehaalde wetgeving Pro
Art. 6:4 Wvggz
Verwijzingen
3 uitgaand
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Verlening zorgmachtiging voor verplichte geestelijke gezondheidszorg met medicatie en vrijheidsbeperkende maatregelen

De rechtbank Oost-Brabant heeft op 27 maart 2020 een beschikking gegeven tot het verlenen van een zorgmachtiging op grond van artikel 6:4 van Pro de Wet verplichte geestelijke gezondheidszorg (Wvggz) ten aanzien van betrokkene. De officier van justitie had een verzoek ingediend voor verplichte zorg, waarbij aanvankelijk de toediening van medicatie niet was opgenomen als vorm van zorg, hoewel de psychiater dit noodzakelijk achtte.

Tijdens de telefonische behandeling, vanwege COVID-19 beperkingen, is vastgesteld dat betrokkene lijdt aan een ernstige psychische stoornis met onder andere psychotische symptomen, mogelijk schizofrene ontwikkeling en een schizotypische persoonlijkheidsstoornis. Betrokkene vertoont ernstig nadeel zoals levensgevaar, maatschappelijke teloorgang en gevaar voor de veiligheid van personen en goederen. Er is geen ziektebesef bij betrokkene.

De rechtbank concludeert dat het toedienen van medicatie, samen met andere vrijheidsbeperkende maatregelen zoals bewegingsbeperking, insluiting en toezicht, noodzakelijk en proportioneel is om het ernstig nadeel weg te nemen. Er zijn geen minder bezwarende alternatieven beschikbaar. De machtiging wordt verleend voor een periode van zes maanden tot en met 27 september 2020.

De beschikking is gegeven door rechter J.W. Brunt en in het openbaar uitgesproken. Tegen deze beschikking staat cassatie open.

Uitkomst: De rechtbank verleent een zorgmachtiging voor verplichte zorg inclusief medicatie en vrijheidsbeperkende maatregelen voor zes maanden.

Uitspraak

beschikking

RECHTBANK OOST-BRABANT

Familie- en Jeugdrecht
Zaaknummer : C/01/356334 / FA RK 20-969
Uitspraak : 27 maart 2020

Beschikking betreffende een machtiging tot het verlenen van verplichte zorg

van de rechtbank Oost-Brabant naar aanleiding van het door de officier van justitie ingediende verzoek tot het verlenen van een zorgmachtiging als bedoeld in artikel 6:4 van Pro de Wet verplichte geestelijke gezondheidszorg (Wvggz), ten aanzien van:

[betrokkene] ,

geboren te [geboorteplaats] op [geboortedatum] ,
wonende te [woonplaats] aan de [adres] ,
verblijvende te [verblijfplaats] te [verblijfadres] ,
hierna te noemen: betrokkene,
advocaat: mr. H.M.S. Cremers.

Het procesverloop

Bij verzoekschrift, ter griffie ingekomen op 10 maart 2020, heeft de officier van justitie verzocht om een machtiging tot het verlenen van verplichte zorg.
Bij het verzoekschrift zijn de volgende bijlagen gevoegd:
  • het zorgplan d.d. 29 februari 2020;
  • de bevindingen van de geneesheer-directeur d.d. 5 maart 2020;
  • de medische verklaring opgesteld en ondertekend door [naam] , psychiater
d.d. 5 maart 2020;
  • een uittreksel justitiële documentatie;
  • de gegevens over eerder afgegeven machtigingen ingevolge de Wet Bopz en de Wvggz.
De behandeling van het verzoek heeft op 25 maart 2020 telefonisch plaatsgevonden, omdat als gevolg van het Covid-19-virus geen mondelinge behandeling in elkaars aanwezigheid op de verblijfplaats van betrokkene kan plaatsvinden. De rechtbank heeft de volgende personen gehoord:
- betrokkene, bijgestaan dor mr. H.M.S. Cremers;
- [naam psychiater] ;
- [arts assitent] .
Omdat een nadere toelichting op of motivering van het verzoek niet nodig is, is de officier van justitie niet ter zitting verschenen.

De beoordeling

Uit de overgelegde stukken en wat tijdens de telefonische behandeling is besproken, is gebleken dat er ten aanzien van betrokkene sprake is van ernstig nadeel, door het bestaan van of het aanzienlijk risico op maatschappelijke teloorgang, levensgevaar, ernstige psychische schade, ernstige verwaarlozing en de situatie dat de algemene veiligheid van personen of goederen in gevaar is.
Het ernstige vermoeden bestaat dat dit nadeel wordt veroorzaakt door gedrag van betrokkene dat voortvloeit uit een psychische stoornis, in de vorm van psychotische stoornis, mogelijk schizofrene ontwikkeling of een schizotypische persoonlijkheidsstoornis. Er is sprake van vroegkinderlijke traumatisering en mogelijk cognitieve achteruitgang.
Voorts is er sprake van oordeels- en kritiekstoornissen en waarschijnlijk een continue godsdienstwaan. Betrokkene heeft geen ziektebesef en –inzicht.
Om het ernstig nadeel af te wenden of de geestelijke gezondheid van betrokkene te stabiliseren of te herstellen of de door de stoornis bedreigde of aangetaste fysieke gezondheid van betrokkene te stabiliseren of te herstellen, heeft betrokkene zorg nodig.
[naam psychiater] heeft naar voren gebracht vooral toediening van medicatie, de voorgeschreven antipsychotica, noodzakelijk te achten.
Gebleken is evenwel dat in het verzoek van de officier van justitie het toedienen van medicatie niet als vorm van verplichte zorg is opgenomen.
De rechtbank heeft geconstateerd dat de geneesheer-directeur in zijn schriftelijke bevindingen aan de officier van justitie heeft aangegeven dat adequate medicamenteuze behandeling nodig is om het toestandsbeeld te stabiliseren, psychotische symptomen te doen verminderen en ernstig nadeel voor zichzelf en derden te voorkomen. Het toedienen van medicatie is evenwel niet aangekruist. De rechtbank houdt het ervoor dat dit een vergissing is, temeer nu ook uit de medische verklaring blijkt dat toedienen van medicatie noodzakelijk is om het ernstig nadeel af te wenden.
Gelet op het voorgaande en de verder verkregen informatie is de rechtbank van oordeel dat de volgende vormen van verplichte zorg noodzakelijk zijn om het ernstig nadeel weg te nemen:
  • toedienen van medicatie, alsmede het verrichten van medische controles of andere medische handelingen en therapeutische maatregelen, ter behandeling van een psychische stoornis, dan wel vanwege die stoornis, ter behandeling van een somatische aandoening;
  • beperken van bewegingsvrijheid;
  • insluiten;
  • uitoefenen van toezicht op betrokkene;
  • opnemen in een accommodatie.
Er zijn geen minder bezwarende alternatieven die hetzelfde beoogde effect hebben. Het afgelopen jaar heeft betrokkene laten zien dat hij mondjesmaat zorg vrijwillig toelaat. Echter, dit is onvoldoende gebleken om het ernstig nadeel weg te nemen.
De voorgestelde verplichte zorg is evenredig en naar verwachting effectief. Uit de stukken blijkt dat bij het bepalen van de juiste zorg rekening is gehouden met de voorwaarden die noodzakelijk zijn om deelname van betrokkene aan het maatschappelijk leven te bevorderen, alsmede met de veiligheid van betrokkene.
Gelet op het voorgaande is voldaan aan de criteria voor en doelen van verplichte zorg als bedoeld in de Wvggz. De zorgmachtiging zal worden verleend voor de (verzochte) duur van zes maanden, en geldt aldus tot en met 27 september 2020.

De beslissing

De rechtbank:
verleent een zorgmachtiging ten aanzien van:
[betrokkene],
geboren te [geboorteplaats] op [geboortedatum] ;
inhoudende dat bij wijze van verplichte zorg de volgende maatregelen kunnen worden getroffen:
  • toedienen van medicatie, alsmede het verrichten van medische controles of andere medische handelingen en therapeutische maatregelen, ter behandeling van een psychische stoornis, dan wel vanwege die stoornis, ter behandeling van een somatische aandoening;
  • beperken van bewegingsvrijheid;
  • insluiten;
  • uitoefenen van toezicht op betrokkene;
  • opnemen in een accommodatie;
bepaalt dat deze machtiging geldt tot en met 27 september 2020.
Deze beschikking is gegeven door mr. J.W. Brunt, rechter, en in het openbaar uitgesproken op 27 maart 2020 in aanwezigheid van de griffier.
Conc: SvdB
Tegen deze beschikking staat het rechtsmiddel van cassatie open.