ECLI:NL:RBOBR:2020:2374
Rechtbank Oost-Brabant
- Op tegenspraak
- Rechtspraak.nl
Betaling verzekeringspremie en afwijzing beroep op verrekening wegens niet nagekomen toezegging rechtsbijstand
Gedaagde heeft een verzekeringsovereenkomst met Achmea afgesloten, waarbij hij een MKB-Meerkeuzepolis heeft ontvangen. Na een aanrijding in 2017 waarbij de auto van gedaagde beschadigd raakte, vordert Achmea betaling van een achterstallige premie van € 481,08, vermeerderd met rente en incassokosten.
Gedaagde stelt dat Achmea hem had toegezegd juridische bijstand te verlenen in verband met de schadeafwikkeling, maar deze afspraak niet is nagekomen. Hij vordert daarom in reconventie vergoeding van de kosten van rechtsbijstand van € 6.370,33 en stelt zich op het standpunt dat hij de premie kan verrekenen met deze schade.
De rechtbank oordeelt dat gedaagde niet heeft bewezen dat er een geldige afspraak met Achmea was over rechtsbijstand en dat hij waarschijnlijk een aparte rechtsbijstandsverzekering bij een andere rechtspersoon (SAR) had. Het beroep op verrekening faalt daarom. Gedaagde wordt veroordeeld tot betaling van de gevorderde premie, rente en incassokosten, en zijn vordering in reconventie wordt afgewezen.
Uitkomst: Gedaagde wordt veroordeeld tot betaling van € 481,08 aan Achmea en het beroep op verrekening wordt afgewezen.