Uitspraak
RECHTBANK OOST-BRABANT
1.De procedure
- het verzoekschrift met 24 producties, ingekomen ter griffie op 12 februari 2020
- de brief van 20 maart 2020 van de zijde van verweerster
- de brief met bijlage van 27 maart 2020 van gerechtsdeurwaarder R.M.P. van den Bogert
- de akte van 27 maart 2020 van de zijde van verzoekster, houdende verandering van verzoek en met aanvullende productie 25
- de brief van de zijde van verweerster van 30 maart 2020
2.Inleiding
Bij brief van 27 maart 2020 heeft verzoekster haar primaire verzoek ingetrokken en het subsidiaire verzoek gehandhaafd. Verzoekster vraagt thans: te bepalen dat de certificaten onderhands, dan wel openbaar kunnen worden verkocht en overgedragen in elk type transactie die de gerechtsdeurwaarder aangewezen acht.