ECLI:NL:RBOBR:2020:3108

Rechtbank Oost-Brabant

Datum uitspraak
24 juni 2020
Publicatiedatum
23 juni 2020
Zaaknummer
C/01/357701 / HA ZA 20-281
Type
Uitspraak
Rechtsgebied
Civiel recht
Uitkomst
Aangehouden
Procedures
  • Tussenuitspraak
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Vervallen verklaring verstek wegens onvoldoende domicilieaanduiding

In deze civiele procedure tussen DE GROOT HOUTBEWERKINGSMACHINES B.V. als eiseres en gedaagde, die niet is verschenen, heeft de rechtbank Oost-Brabant het eerder verleende verstek tegen gedaagde vervallen verklaard. De dagvaarding was betekend aan het kantooradres van de advocaat van gedaagde, maar eiseres kon niet aantonen dat gedaagde of diens advocaat akkoord was met deze betekening als woonplaatskeuze.

Eiseres had in haar akte alleen gesteld dat de dagvaarding aan het kantoor van de advocaat was uitgebracht, maar dit werd door de rechtbank onvoldoende geacht om verstek te verlenen. De rechtbank verlangde een verklaring van gedaagde of diens advocaat dat het kantooradres als woonplaats in deze zaak was gekozen.

Daarom is het verstek vervallen verklaard en is de zaak aangehouden tot het moment dat eiseres een dergelijke verklaring kan overleggen. De zaak wordt op 8 juli 2020 opnieuw op de rol gezet voor verdere behandeling.

De rechtbank heeft hiermee het belang van correcte domiciliekeuze en juiste betekening benadrukt, om de rechten van gedaagde te waarborgen en onterechte verstekvonnissen te voorkomen.

Uitkomst: Het verstek tegen gedaagde wordt vervallen verklaard en de zaak wordt aangehouden tot overleg van een verklaring over woonplaatskeuze.

Uitspraak

vonnis

RECHTBANK OOST-BRABANT

Civiel Recht
Zittingsplaats 's-Hertogenbosch
zaaknummer / rolnummer: C/01/357701 / HA ZA 20-281
Vonnis van 24 juni 2020
in de zaak van
de besloten vennootschap met beperkte aansprakelijkheid
DE GROOT HOUTBEWERKINGSMACHINES B.V.,
gevestigd te Rosmalen,
eiseres,
advocaat mr. I. El Ajjouri te 's-Hertogenbosch,
tegen
[gedaagde],
wonende te [woonplaats] ,
gedaagde,
niet verschenen.

1.De procedure

1.1.
Het verloop van de procedure blijkt uit:
  • de dagvaarding van 14 april 2020;
  • de akte aantonen domicilie van eiseres van 27 mei 2020;
  • het tegen gedaagde verleende verstek.
1.2.
Ten slotte is vonnis bepaald.

2.De beoordeling

2.1.
Gedaagde woont in [woonplaats] aan het [adres] . Betekening van de dagvaarding heeft echter plaatsgevonden aan het kantooradres van advocaat mr. R. Stekelenburg te Kerkwijk. Volgens eiseres is dat in deze zaak de gekozen woonplaats van gedaagde. Een onderbouwing ontbreekt echter. In de akte aantonen domicilie stelt eiseres enkel dat de dagvaarding is uitgebracht op het kantoor van mr. R. Stekelenburg, advocaat van gedaagde. De rechtbank acht dit onvoldoende om verstek tegen gedaagde te kunnen verlenen. De rechtbank wenst een verklaring van gedaagde zelf of van mr. R. Stekelenburg namens gedaagde, dat gedaagde in deze zaak woonplaats kiest op het kantooradres van mr. R. Stekelenburg.
2.2.
Het reeds verleende verstek zal daarom vervallen worden verklaard. De zaak zal naar de rol worden verwezen voor het overleggen door eiseres van een verklaring van gedaagde of van mr. R. Stekelenburg als hiervoor bedoeld.
2.3.
Iedere verdere beslissing zal worden aangehouden.

3.De beslissing

De rechtbank,
3.1.
verklaart het tegen gedaagde verleende verstek vervallen;
3.2.
bepaalt dat de zaak weer op de rol zal komen van
8 juli 2020voor het nemen van een akte door eiseres over hetgeen is vermeld onder 2.2;
3.3.
houdt iedere verdere beslissing aan.
Dit vonnis is gewezen door mr. C. Schollen-den Besten en in het openbaar uitgesproken op 24 juni 2020.