ECLI:NL:RBOBR:2020:5136
Rechtbank Oost-Brabant
- Beschikking
- Rechtspraak.nl
Verzoek tot echtscheiding afgewezen wegens niet-erkend kindhuwelijk uit Eritrea
De vrouw heeft bij de rechtbank Oost-Brabant een verzoek tot echtscheiding ingediend van haar huwelijk met de man, dat volgens haar in Eritrea is gesloten. De rechtbank beoordeelde eerst haar bevoegdheid en het toepasselijke recht, en concludeerde dat de Nederlandse rechter bevoegd is en Nederlands recht van toepassing is.
Vervolgens onderzocht de rechtbank de rechtsgeldigheid van het huwelijk. De vrouw overlegde een huwelijksakte van de Eritrese Orthodox Tewahdo kerk, maar de rechtbank kon de echtheid hiervan niet vaststellen. Bovendien waren er inconsistenties in de gegevens en ontbrak bewijs dat het huwelijk rechtsgeldig was volgens Eritrees recht. De vrouw was minderjarig (16 jaar) ten tijde van het huwelijk, en kindhuwelijken zijn in Eritrea niet toegestaan zonder uitzonderingen, die hier niet zijn aangetoond.
De rechtbank oordeelde dat het huwelijk niet erkend kan worden in Nederland, mede omdat er geen verzoek tot erkenning was gedaan en het huwelijk niet rechtsgeldig is. Daarom verklaarde de rechtbank de vrouw niet-ontvankelijk in haar verzoek tot echtscheiding. De proceskosten worden ieder door de eigen partij gedragen.
Uitkomst: Verzoek tot echtscheiding wordt niet-ontvankelijk verklaard omdat het huwelijk niet rechtsgeldig is en niet erkend kan worden in Nederland.