Uitspraak
RECHTBANK OOST-BRABANT
[Verdachte] ,
De tenlastelegging.
Het standpunt van de officier van justitie.
Het standpunt van de verdediging.
Vrijspraak.
DE UITSPRAAK
spreektverdachte daarvan
vrij.
Rechtbank Oost-Brabant
Op 20 december 2018 ontstond tijdens een kerstborrel bij restaurant Quatre Bras te Best een conflict tussen verdachte, medeverdachte en het slachtoffer. Het Openbaar Ministerie beschuldigde verdachte van openlijke geweldpleging en subsidiair mishandeling, waarbij het slachtoffer een gebroken kaak opliep.
Tijdens de terechtzitting op 4 november 2020 werden tegenstrijdige verklaringen gehoord van het slachtoffer, getuigen en verdachten. Het slachtoffer verklaarde te zijn geslagen vanuit een dode hoek, vermoedelijk door verdachte en medeverdachte. Verdachte stelde dat medeverdachte als eerste sloeg, terwijl medeverdachte zelf geen herinnering had vanwege alcoholgebruik. Getuigen konden geen eenduidige vaststelling doen over wie de eerste klap gaf.
De rechtbank concludeerde dat het onderzoek tekort was geschoten en dat door het tijdsverloop en tegenstrijdigheden in het dossier niet meer vast te stellen viel wat er precies was gebeurd. Hierdoor ontbrak wettig en overtuigend bewijs om verdachte te veroordelen. Daarom sprak de rechtbank verdachte vrij van de tenlasteleggingen openlijke geweldpleging en mishandeling.
Uitkomst: Verdachte wordt vrijgesproken wegens onvoldoende wettig en overtuigend bewijs van openlijke geweldpleging en mishandeling.