Uitspraak
1.De procedure
- het verzoekschrift van 27 februari 2020 met 12 producties;
- het verweerschrift van 24 mei 2020 met 2 producties;
- de brief van 26 mei 2020, gestuurd namens de werknemers, met daarbij de producties 13 tot en met 20.
2.De feiten
3.Het verzoek en het verweer
4.De beoordeling
van rechtswegewaren geëindigd (na ommekomst van de overeengekomen bepaalde tijd). In dit standpunt hebben zij ook ter zitting volhard. Werknemers hebben naar het oordeel van de kantonrechter geen feiten of omstandigheden aangevoerd waaruit kan worden afgeleid dat [verweerders] een op beëindiging van de arbeidsovereenkomsten per 31 december 2019 gerichte wil hadden,
die door een verklaring in 2019 aan hen is geopenbaard.
KamerstukkenII 2013/14, 33818, 3, p. 94).