Uitspraak
RECHTBANK OOST-BRABANT
proces-verbaal van de mondelinge uitspraak van de voorzieningenrechter van 21 mei 2021 in de zaak tussen
Stichting Groen Kempenland, te Bladel,
Als derde-partij heeft aan het geding deelgenomen: [naam 2] B.V., te [vestigingsplaats] ,
Procesverloop
Beslissing
- schorst het bestreden besluit, voor zover hierin de begunstigingstermijn is verlengd van de eerste last in het dwangsombesluit van 17 juni 2020 (het niet goed functioneren van de luchtwasser in stal C), tot en met zes weken na de beslissing op het bezwaar tegen het bestreden besluit;
- schorst het bestreden besluit, voor zover hierin de begunstigingstermijn is verlengd van de tweede last (het houden van te veel dieren in afwijking van de voorliggende omgevingsvergunning milieu van 25 juni 2012), met ingang van 1 juni 2021 tot en met zes weken na de beslissing op het bezwaar tegen het bestreden besluit;
- wijst het verzoek ten aanzien van de derde last af;
- draagt verweerder op het betaalde griffierecht van € 360,00 aan verzoekers te vergoeden;
Overwegingen
- De derde-partij heeft een varkenshouderij met vleesvarkens, gust- en dragende zeugen, gespeende biggen, kraamzeugen en dekberen aan de [adres] . Het bedrijf heeft een revisievergunning van 25 juni 2012, nummer REU-2012-0014 voor het houden van dieren in drie stallen. Stallen A en B zijn traditionele stallen, stal C is een stal met een luchtwassysteem.
- Op 31 januari 2020 hebben verzoekers bij verweerder een verzoek tot handhavend optreden ten aanzien van de inrichting aan de Schepersweijer 1 ingediend.
- Op 5 april 2020 heeft een controle ter plaatse door de ODZOB plaatsgevonden.
- Op 17 juni 2020 heeft verweerder aan de derde-partij een last onder dwangsom opgelegd voor drie overtredingen
- Tegen de last onder dwangsom zijn geen rechtsmiddelen aangewend.
- Op 30 september 2020 heeft de derde-partij een aanvraag omgevingsvergunning ingediend voor het legaliseren van het luchtwassysteem in stal C en het vernieuwen van stallen A en B. Het betreft een uitgebreide procedure omdat er ook omgevingsvergunning is aangevraagd voor het slopen en herbouwen van twee bestaande stallen, waarbij er meer vierkante meters intensieve veehouderij worden aangevraagd dan in het bestemmingsplan Buitengebied is opgenomen.
- Bij besluit van 16 november 2020 heeft verweerder op verzoek van de derde-partij de begunstigingstermijnen van de last onder dwangsom verlengd tot en met 29 april 2021.
- Op 10 maart 2021 heeft vergunninghoudster aan verweerder wederom verzocht om verlenging van de begunstigingstermijn.
- In het bestreden besluit is de begunstigingstermijn verlengd tot 1 januari 2022 voor alle drie de overtredingen omdat de afwikkeling van de aanvraag voor de omgevingsvergunning meer tijd in beslag neemt. Omdat wordt afgeweken van het bestemmingsplan is namelijk een verklaring van geen bedenkingen van de gemeenteraad noodzakelijk.