Op 9 februari 2021 heeft verdachte in Eindhoven een vrouw, die hij kende van de daklozenopvang, gedwongen tot seksuele handelingen die bestonden uit het binnendringen van haar vagina door zijn penis. De vrouw verklaarde dat verdachte haar vastgreep, op een bank duwde en op haar ging liggen, terwijl hij haar broek uittrok en seks met haar had ondanks haar verzet.
Verdachte ontkende de verkrachting en stelde dat de seks vrijwillig was. De rechtbank vond de verklaring van het slachtoffer consistent en betrouwbaar, ondersteund door getuigenverklaringen en DNA-onderzoek waaruit bleek dat verdachte donor was van celmateriaal op de spijkerbroek van het slachtoffer. De broer van verdachte en andere verklaringen weerspraken de verdediging.
De rechtbank oordeelde dat sprake was van dwang door andere feitelijkheden dan geweld, waaronder het vastgrijpen, het sluiten van de deur en het fysiek overheersen van het slachtoffer. Gelet op de ernst van het feit, de psychische en fysieke druk op het slachtoffer, en het feit dat verdachte geen verantwoordelijkheid nam, werd een gevangenisstraf van 24 maanden opgelegd, lager dan de eis van 36 maanden maar passend bij de omstandigheden en oriëntatiepunten.