In deze zaak tussen GJ Advies & Dienstverlening B.V. en Topkracht Personeelsdiensten B.V. staat een geschil over de uitvoering en beëindiging van een franchiseovereenkomst centraal. GJ vordert in kort geding dat Topkracht bepaalde personeelsdossiers overlegt die nodig zijn voor een aanstaande NEN 4400-1 controle. Tevens vordert Topkracht in reconventie opheffing van conservatoire bankbeslagen die GJ op haar heeft gelegd.
De rechtbank oordeelt dat GJ onvoldoende spoedeisend belang heeft aangetoond voor haar vordering tot afgifte van de dossiers, mede omdat zij pas kort voor de controle juridische stappen heeft genomen. Tevens is onvoldoende aannemelijk dat de dossiers onvolledig zijn, aangezien GJ de arbeidskrachten heeft verloond, wat volgens de franchiseovereenkomst alleen kan bij volledige dossiers. Bovendien is onduidelijk of Topkracht de gevraagde documenten nog bezit, omdat zij stelt deze te hebben vernietigd conform de AVG.
Ten aanzien van de opheffing van het beslag oordeelt de rechtbank dat Topkracht onvoldoende aannemelijk heeft gemaakt dat het beslag onrechtmatig is gelegd of dat de vordering van GJ ondeugdelijk is. De vordering tot betaling van een afkoopsom wegens tussentijdse beëindiging van de franchiseovereenkomst lijkt gegrond. Ook weegt het belang van GJ bij handhaving van het beslag zwaarder dan dat van Topkracht bij opheffing. Beide vorderingen worden afgewezen en partijen worden in de proceskosten veroordeeld.