ECLI:NL:RBOBR:2021:5486
Rechtbank Oost-Brabant
- Wraking
- Rechtspraak.nl
Niet-ontvankelijkheid wrakingsverzoek wegens te late indiening en gebrek aan belang
Verzoeker, verdachte in een strafzaak, diende op 8 juni 2021 een wrakingsverzoek in tegen mr. H.A. van Gameren, rechter in de rechtbank Oost-Brabant, naar aanleiding van een beschikking van 22 februari 2021. De rechtbank oordeelde dat het verzoek te laat was ingediend, aangezien het ruim 15 weken na de beschikking werd ingediend zonder redelijke verklaring voor deze vertraging.
Daarnaast was de rechter die werd gewraakt sinds de beschikking niet meer betrokken bij de zaak, waardoor verzoeker geen belang meer had bij het wrakingsverzoek. Verzoeker stelde dat de rechter partijdig was vanwege een onjuiste beslissing, maar de rechtbank benadrukte dat een rechterlijke beslissing nooit een grond voor wraking kan zijn binnen het gesloten stelsel van rechtsmiddelen.
Daarom verklaarde de rechtbank het wrakingsverzoek niet-ontvankelijk en kwam zij niet toe aan een inhoudelijke beoordeling van de vermeende partijdigheid. Tegen deze beslissing staat voorziening open.
Uitkomst: Wrakingsverzoek niet-ontvankelijk verklaard wegens te late indiening en gebrek aan belang.