Eiser heeft op 9 december 2021 een Wob-verzoek ingediend bij het Ministerie van Infrastructuur en Waterstaat voor documenten over de ontbrekende natuurvergunning van Schiphol. Na uitblijven van een beslissing stelde eiser de minister op 17 januari 2022 in gebreke en stelde op 2 februari 2022 beroep in tegen het niet tijdig beslissen.
De rechtbank stelt vast dat de minister niet binnen de wettelijke termijn heeft beslist en dat het beroep gegrond is. De minister heeft aangegeven dat circa 500 documenten beoordeeld moeten worden, inclusief het betrekken van derde-belanghebbenden en interne afstemming.
De rechtbank bepaalt dat een termijn tot uiterlijk 2 mei 2022 realistisch is voor het nemen van een besluit en legt een dwangsom op van €100 per dag bij overschrijding, met een maximum van €15.000. Tevens moet de minister het door eiser betaalde griffierecht vergoeden.