Uitspraak
RECHTBANK OOST-BRABANT
[verdachte] ,
De tenlastelegging.
oogmerk van uitbuiting (sub 1), en/of
-het zich op boze en/of agressieve en/of (anderszins) dreigende en/of overheersende en/of denigrerende toon/wijze te uiten tegen die [slachtoffer 1] en/of
oogmerk van uitbuiting (sub 1), en/of
De formele voorvragen.
De bewijsbeslissing.
De bronnen.
De bewezenverklaring.
oogmerk van uitbuiting (sub 1), en
-het zich op boze en/of agressieve en/of (anderszins) dreigende en/of overheersende en/of denigrerende toon/wijze te uiten tegen die [slachtoffer 1] en
(telkens) opzettelijk voordeel heeft getrokken uit de uitbuiting van die [slachtoffer 2] (sub 6),
waarbij voornoemde (onder sub 4) “enige handeling” heeft bestaan uit:
De strafbaarheid van het feit.
De strafbaarheid van verdachte.
Oplegging van straf en maatregel.
pogingtot doodslag, waarbij de aard van het letsel bij het slachtoffer gelukkig relatief beperkt is gebleven, maar waarbij wel is komen vast te staan dat verdachte meermalen heftig geweld heeft uitgeoefend op onder meer een kwetsbaar deel van het lichaam, is de rechtbank van oordeel dat een gevangenisstraf voor de duur van ongeveer twee jaren minst genomen passend en geboden is.
De vordering van de benadeelde partij [slachtoffer 1] .
De vordering van de benadeelde partij [slachtoffer 2] .
Toepasselijke wetsartikelen.
DE UITSPRAAK
begaan in eendaadse samenloop met
begaan in eendaadse samenloop met
gevangenisstrafvoor de duur van
5 jarenmet aftrek overeenkomstig artikel 27 Wetboek Pro van Strafrecht
maatregelstrekkende tot
beperking van de vrijheid, inhoudende dat de veroordeelde gedurende
5 jarenop geen enkele wijze - direct of indirect - contact zal opnemen, zoeken of hebben met [slachtoffer 1] en [slachtoffer 2] .