ECLI:NL:RBOBR:2022:3369
Rechtbank Oost-Brabant
- Voorlopige voorziening
- Rechtspraak.nl
Voorlopige voorziening in handhavingszaak opslag schroot met veiligheidsvoorwaarden
In deze bestuursrechtelijke zaak verzoekt AVI om een voorlopige voorziening tegen een last onder dwangsom en een invorderingsbesluit van Gedeputeerde Staten van Noord-Brabant. De last betreft het beperken van de opslag van bewerkt en onbewerkt schroot tot 1.250 ton binnen de inrichting vanwege overtreding van de Wet algemene bepalingen omgevingsrecht (Wabo).
De voorzieningenrechter constateert dat AVI sinds begin 2022 de last nakomt, maar dat dit leidt tot een omzetverlies van 40% tot 50%, met dreigend faillissement. Verweerder heeft een dwangsom van €105.000,- opgelegd en conservatoir beslag gelegd. AVI heeft verzocht om meer opslagruimte, wat verweerder weigert.
De voorzieningenrechter weegt de belangen en acht het risico op brand door verhoogde opslag significant, maar erkent ook de financiële problemen van AVI. Daarom wordt het bestreden besluit geschorst onder de voorwaarde dat de veiligheidsvoorzieningen uit het ambtshalve wijzigingsbesluit van 25 mei 2022, zoals het plaatsen van keerwanden, zijn getroffen. Pas dan mag AVI meer schroot opslaan. De schorsing vervalt op 1 november 2022, wanneer de meervoudige kamer de zaak inhoudelijk behandelt.
Daarnaast wordt het griffierecht aan AVI vergoed en worden proceskosten toegekend. Het verzoek om verdere voorlopige voorzieningen wordt afgewezen, en het invorderingsbesluit wordt niet geschorst. Tegen deze uitspraak staat geen hoger beroep open.
Uitkomst: Het bestreden besluit wordt geschorst onder voorwaarden dat veiligheidsvoorzieningen zijn getroffen, waardoor AVI meer schroot mag opslaan tot 1 november 2022.