ECLI:NL:RBOBR:2022:4780

Rechtbank Oost-Brabant

Datum uitspraak
31 oktober 2022
Publicatiedatum
3 november 2022
Zaaknummer
01/993226-21
Instantie
Rechtbank Oost-Brabant
Type
Uitspraak
Rechtsgebied
Strafrecht
Uitkomst
Afwijzend
Procedures
  • Beslissing RC
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Aangehaalde wetgeving Pro
Art. 126t SvArt. 126uba Sv
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Beslissing rechter-commissaris over onderzoekswensen in strafzaak Sky-ECC

In deze strafzaak tegen verdachte is op 20 september 2022 door de verdediging een aantal aanvullende onderzoekswensen ingediend bij de rechter-commissaris. Deze wensen betroffen onder meer het verkrijgen van een lijst met zoekwoorden die gebruikt zijn in het Sky-ECC onderzoek, het verkrijgen van kopieën van bepaalde beslissingen en het horen van zaaksofficieren van justitie als getuigen.

De rechter-commissaris heeft deze wensen beoordeeld en geoordeeld dat er geen sprake is van een categorie B aanvraag, zoals door de verdediging werd verondersteld, maar van een categorie A aanvraag. Hierdoor is het verzoek om een lijst met zoekwoorden niet relevant en wordt het afgewezen. Daarnaast is het verzoek om bepaalde documenten te verkrijgen onvoldoende onderbouwd en eveneens afgewezen.

Het verzoek om zaaksofficieren te horen is eveneens afgewezen omdat er onvoldoende aannemelijk is gemaakt dat het Openbaar Ministerie een onjuiste voorstelling van zaken heeft gegeven die de ontvankelijkheid van de zaak of het recht op een eerlijk proces zou raken. De rechter-commissaris concludeert dat de verdediging onvoldoende redenen heeft gegeven om deze extra onderzoeken toe te staan.

Uitkomst: De rechter-commissaris wijst alle onderzoekswensen van de verdediging af wegens onvoldoende onderbouwing en onjuiste aannames.

Uitspraak

beslissing

RECHTBANK OOST-BRABANT

Strafrecht
rechter-commissaris
Parketnr : 01/993226-21
RC-nr : 21/565

Beslissing naar aanleiding van onderzoekswensen in de strafzaak tegen:

[verdachte]
Geboren te [geboorteplaats] , [geboortedatum] 1962
Op 20 september 2022 heeft de verdediging aanvullende onderzoekswensen ingediend bij het kabinet van de rechter-commissaris. Op 10 oktober 2022 heeft de officier van justitie zijn standpunt kenbaar gemaakt en daarna zijn de onderzoekswensen pas, mede vanwege verlof en andere werkzaamheden, op 27 oktober jl. voorgelegd aan de rechter-commissaris.
De onderzoekswensen zien op het navolgende:
het verkrijgen van ‘een lijst met zoekwoorden’ die gebruikt is en heeft geleid tot 26Belper, teneinde na te kunnen gaan op basis waarvan in de data is gezocht en wat de resultaten daarvan zijn;
het verkrijgen van een kopie van:
- het verzoek van 16 februari 2021 van het Openbaar Ministerie met daarin de concrete omschrijving van de omvang van die data, zoals door de rechter-commissaris verzocht;
- de beslissing/toestemming van 17 februari 2021 van de rechter-commissaris;
3. het horen van zaaksofficieren van justitie inzake 26Argus, LAP0813, LAP0814 en LAP0832.
Onderzoekswens 1
De verdediging gaat er kennelijk van uit dat in onderhavig onderzoek sprake is geweest van een zogenaamde ‘categorie B’ aanvraag als bedoeld in de beschikking van de rechter-commissaris AMS 0014 van 11 januari 2021 (algemeen dossier p. 47 ev). Uit het proces-verbaal ‘ter beschikking stelling Argus data’ d.d. 24 februari 2022 (pv nr ADRAA20126-733) blijkt echter dat in onderhavig onderzoek geen sprake is geweest van een dergelijke aanvraag en dus een aanvraag
op basis van zoekwoorden.
Uit het proces-verbaal is immers af te leiden dat uit onderzoek 26Belper bleek dat de verdachte, aangeduid als NN-persoon KKY, gebruikt maakte van SKY-ID ‘ESH47D’, iets dat overigens al staat gerelateerd op pagina 108 van zaakdossier 1 waarin staat verwoord dat KKY in een Anomchat zijn SKY ID doorgeeft. Ook staat in het proces-verbaal gerelateerd dat er een redelijke verdenking is dat deze SKY gebruiker zich in georganiseerd verband bezig houdt met gewoontewitwassen en wordt er gesproken over het crimineel samenwerkingsverband. Tot slot staat in het proces-verbaal van 24 februari 2022 dat aldus aan de rechter-commissaris is verzocht om aanvullende toestemming om onderzoek te mogen doen naar:
- de via SKY gevoerde communicatie van hoofdsubject ESH47D (kader A);
- de communicatie van de tegencontacten van het hoofdsubject met hun tegencontacten (kader B);
- de communicatie van tegencontacten van kader B en hun tegencontacten (kader C).
Kort gezegd, uit het proces-verbaal van 24 februari 2022 blijkt dus niet van een categorie B aanvraag maar van een categorie A aanvraag: in geval van een dergelijke aanvraag is er geen sprake van een lijst met zoekwoorden. Bijgevolg wordt de onderzoekswens afgewezen.
Onderzoekswens 2
Het verzoek is op geen enkele wijze onderbouwd en wordt reeds om die reden afgewezen.
Onderzoekswens 3
De verdediging wil de drie zaaksofficieren van justitie uit onderzoek 26Argus horen als getuige omdat het OM een “onjuiste voorstelling van zaken” zou hebben gegeven en omdat zulks mogelijk de ontvankelijkheid raakt dan wel het recht op een eerlijk en transparant proces.
De rechter-commissaris stelt vast dat de betreffende zaaksofficieren van justitie in hun vordering van 13 september 2021 hebben opgemerkt dat de interceptietool “door de Fransen” is gebouwd (algemeen dossier p. 60) en dat zij in hun proces-verbaal van dezelfde datum hebben opgemerkt dat sprake was van Nederlandse technische inbreng (algemeen dossier p. 37).
Dat in een Franse machtiging wordt gesproken over, in verband met de Sky applicatie, het ontwikkelen van een techniek door Nederlanders mag zo zijn, maar dat betekent naar het oordeel van de rechter-commissaris niet dat aldus op dit moment voldoende aannemelijk is dat het OM een onjuiste voorstelling van zaken zou hebben gegeven, nog afgezien van het gegeven dat het
ontwikkelenvan een techniek door Nederlanders niet hoeft te impliceren dat vervolgens de interceptietool ook daadwerkelijk is
gebouwddoor die Nederlanders. Hoe dan ook, opmerking verdient dat aan de rechters-commissarissen in onderzoek 26Argus inzage is verstrekt in de beslissingen van de Franse rechter en dat de inhoud van die beslissingen voor de rechters-commissarissen klaarblijkelijk geen reden is geweest om de vorderingen (tot verlenging) ex 126t en 126uba Sv af te wijzen (algemeen dossier, p. 21).
De omstandigheid dat (al dan niet in de media en/of op een website ‘Crimesite’ een beeld wordt geschetst waaruit zou kunnen volgen dat) er méér informatie is over eventuele technische betrokkenheid van Nederlandse opsporingsambtenaren dan uit het strafdossier in onderhavig onderzoek blijkt, leidt naar het oordeel van de rechter-commissaris evenmin tot de slotsom dat het OM (bewust) onjuiste informatie naar buiten bracht, laat staan dat zulks zou dienen te leiden tot de niet-ontvankelijkheid in deze strafzaak en/of een schending van het recht op een eerlijk proces; onvoldoende is onderbouwd waarom niettemin onderzoek – door middel van het horen van de drietal zaaksofficieren van justitie - daarnaar gedaan zou moeten worden. Ook dit verzoek wijst de rechter-commissaris af.
Aldus gedaan te 's-Hertogenbosch, 31 oktober 2022
De rechter-commissaris,
[naam rechter-commissaris]