Uitspraak
RECHTBANK OOST-BRABANT
1.De procedure
2.De beoordeling
- de verdeling van de tussen partijen bestaande eenvoudige gemeenschap(pen) vast te stellen, alsmede het bedrag vast te stellen dat partijen op grond van de tussen hen bestaande huwelijkse voorwaarden met elkaar dienen te verrekenen, met veroordeling van de man om aan de vrouw uit hoofde van verrekenen en verdelen (c.q. de afwikkeling van de huwelijkse voorwaarden met beperkte gemeenschap) te betalen een bedrag van € 816.002,50, te vermeerderen met de “pm1” posten, een en ander zoals opgenomen in de als productie 13 overgelegde opstelling verdelen en verrekenen (mede onder verwijzing naar het als productie 11 overgelegde rapport van [datum] 2021 van [naam] RA RV), althans tot een door de rechtbank in goede justitie te bepalen bedrag, alsmede met veroordeling van de man tot het verrichten van (eventuele) leveringshandelingen die uit de verdeling en/of verrekening voortkomen;
- te bepalen dat de man aan de vrouw de helft van de hem toekomende waardestijging van de “warme gronden” voldoet en dat, bij gebreke van het verschaffen van informatie over de “warme gronden” de man de volledige hem toekomende c.q. door de man te ontvangen waardestijging over de “warme gronden” aan de vrouw verbeurt ex artikel 1:135 lid 3 BW Pro.
- de afwikkeling van het huwelijksvermogen tussen partijen vast te stellen door de verdeling van de eenvoudige gemeenschappen en door verrekening op grond van de huwelijkse voorwaarden conform het standpunt van de man zoals verwoord onder randnummers 21 tot en met 23 en 37 van diens verweerschrift tevens houdende zelfstandige verzoeken, uitgewerkt in randnummer 23 van dit verweerschrift, en tevens nader toegelicht in diens processtukken en producties, in het bijzonder productie 23.1 en productie 28, althans de verdeling van de eenvoudige gemeenschappen en periodieke verrekening conform de huwelijkse voorwaarden door de rechtbank in goede justitie te bepalen, met veroordeling van de vrouw tot het meewerken aan leveringshandelingen die uit de verdeling/verrekening voortvloeien;
- voorwaardelijk, indien de man aan de vrouw een bedrag verschuldigd is uit hoofde van de afwikkeling van het huwelijksvermogen, te bepalen dat deze op grond van de redelijkheid en billijkheid maximaal het met behulp van het bedrijfsvermogen te financieren bedrag bedraagt, althans dat tussen partijen een betalingsregeling getroffen moet worden zó dat voortzetting van de onderneming door de man bedrijfseconomisch verantwoord en mogelijk is, althans een betalingsregeling op grond van de redelijkheid en billijkheid door de rechtbank in goede justitie te bepalen.
- de voormalige echtelijke woning staande en gelegen aan de [adres] te [plaats] , bezwaard met een hypothecaire schuld bij de [bank] met nummers [0000000000] en [0000000000] ;
- het saldo op de gezamenlijke bankrekening bij de Rabobank met nummer [0000000000] .
- de man te veroordelen om in het geding te brengen alle informatie die bij de man over de ‘warme gronden’, zoals genoemd in punt 3 van de akte, in welke vorm dan ook voorhanden is, zowel (niet limitatief) financiële als overige informatie, teneinde te kunnen komen tot een deugdelijke verrekening van de waardestijging die de warme gronden hebben ondergaan, een en ander op basis van het rapport van [naam] dat als productie 12 is ingebracht;
- afgifte c.q. overlegging (respectievelijk) inzage van de gevraagde bescheiden en/of afschriften daarvan te gelasten uiterlijk op 13 oktober 2022, dan wel binnen zeven dagen na de te wijzen incidentele beschikking op straffe van verbeurte van een dwangsom door de man aan de vrouw van € 500,00 per dag met een maximum van
3.De beslissing
- stelt de man in de gelegenheid om
- stelt de vrouw in de gelegenheid om
pro forma aan tot 25 juli 2023;