Uitspraak
uitspraak van de enkelvoudige kamer in de zaak tussen
[eiseres] , uit [woonplaats] , eiseres
Inleiding
Wat ging aan deze procedure vooraf
Wat vindt het UWV
.
Rechtbank Oost-Brabant
Eiseres, voormalig accountant assistent, is sinds september 2016 ziekgemeld en ontvangt een WIA-uitkering. Het UWV stelde de mate van arbeidsongeschiktheid per 7 december 2020 vast op 41,07%, na bezwaar tegen een eerdere vaststelling van 37,24%. Eiseres betwist deze vaststelling en voert aan dat zij meer beperkt is en niet in staat is de geduide functies te verrichten.
De rechtbank beoordeelt het beroep op basis van het medisch en arbeidskundig onderzoek van het UWV, waaronder een rapport van een verzekeringsarts en een arbeidsdeskundige. De rechtbank oordeelt dat het medisch onderzoek zorgvuldig is uitgevoerd en dat de verzekeringsarts de belastbaarheid overtuigend heeft gemotiveerd. Medische informatie van eiseres en haar behandelaren leidt niet tot wijziging van de vaststelling.
De rechtbank concludeert dat eiseres op de datum in geding arbeid kan verrichten rekening houdend met de beperkingen en dat de vastgestelde mate van arbeidsongeschiktheid van 41,07% juist is. Het beroep wordt ongegrond verklaard en het verzoek om wettelijke rente en proceskosten wordt afgewezen.
Uitkomst: Het beroep van eiseres wordt ongegrond verklaard en de vaststelling van 41,07% arbeidsongeschiktheid per 7 december 2020 blijft in stand.