Uitspraak
1.De procedure
- de reactie van [gedaagde] op de oproepingsbrief van de rechtbank,
2.De feiten
3.Het geschil
€ 2.120,00 vanaf 29 augustus 2023 tot aan de dag van voldoening,
Vrijdag webinar: live demo van Lexboost
Rechtbank Oost-Brabant
BrabantWonen en [gedaagde] zijn partijen in een kort geding over de ontruiming van een woning die op grond van de Leegstandwet tijdelijk werd verhuurd. De huurovereenkomst is opgezegd per 13 maart 2023 vanwege sloop van het complex waarin de woning zich bevindt. [gedaagde] heeft de woning niet opgeleverd en weigert te ontruimen, terwijl hij elders een nieuwe woning heeft betrokken.
BrabantWonen vordert ontruiming binnen drie dagen na betekening van het vonnis, betaling van achterstallige huur, gebruiksvergoeding, schadevergoeding en incassokosten. [gedaagde] betwist de opzegging en stelt dat de huurovereenkomst inmiddels voor onbepaalde tijd is geworden en dat hij recht heeft op huurbescherming en een ontruimingsvergoeding.
De kantonrechter oordeelt dat de opzegging op grond van de Leegstandwet rechtsgeldig is en dat BrabantWonen gerechtigd is tot ontruiming. Uit de feitelijke gedragingen blijkt dat [gedaagde] heeft ingestemd met de opzegging door elders een woning te aanvaarden en geen huur meer te betalen. Er is geen sprake van misbruik van bevoegdheid door BrabantWonen.
De ontruiming wordt toegewezen met een termijn van veertien dagen vanwege nog aanwezige meubels. De vordering tot betaling van achterstallige huur tot 13 maart 2023 wordt toegewezen, inclusief wettelijke rente. De vorderingen tot gebruiksvergoeding, schadevergoeding na 13 maart 2023 en incassokosten worden afgewezen wegens onvoldoende aannemelijkheid. [gedaagde] wordt veroordeeld in de proceskosten.
Uitkomst: De kantonrechter veroordeelt [gedaagde] tot ontruiming binnen veertien dagen en betaling van achterstallige huur tot 13 maart 2023 met wettelijke rente.