ECLI:NL:RBOBR:2023:6072
Rechtbank Oost-Brabant
- Raadkamer
- Rechtspraak.nl
Ongegrond beroep OM tegen niet-ontvankelijkheid vordering inbewaringstelling wegens ZSM-toezegging
De rechter-commissaris heeft op 15 december 2023 het Openbaar Ministerie niet-ontvankelijk verklaard in de vordering tot inbewaringstelling van de verdachte en heeft onmiddellijke vrijlating bevolen. Het OM kwam hiertegen in hoger beroep. De rechtbank heeft de stukken bestudeerd en partijen gehoord.
De rechter-commissaris stelde vast dat verdachte op 12 december na verhoor was medegedeeld dat hij zou worden heengezonden, een toezegging die later door het OM werd heroverwogen zonder nadere motivering. Pas uren later werd verdachte in verzekering gesteld zonder tussentijds onderzoek. De rechtbank onderschrijft dat deze toezegging vanuit ZSM aan verdachte het gerechtvaardigd vertrouwen heeft gegeven dat geen voorarrest zou worden toegepast.
De rechtbank benadrukt dat de ZSM-methode een snelle en zorgvuldige aanpak is waarbij mededelingen namens het OM worden gedaan. Afwijken van deze toezegging zonder gewijzigde omstandigheden is niet toegestaan. Daarom verklaart de rechtbank het hoger beroep van het OM ongegrond en bevestigt de niet-ontvankelijkverklaring van de vordering tot inbewaringstelling.
Uitkomst: Het hoger beroep van het Openbaar Ministerie wordt ongegrond verklaard en de niet-ontvankelijkverklaring van de vordering tot inbewaringstelling wordt bevestigd.