Uitspraak
RECHTBANK OOST-BRABANT
De tenlastelegging.
De formele voorvragen.
De beoordeling van de tenlastegelegde feiten.
Verdachte ontkent het tenlastegelegde te hebben begaan.
Bewijsoverwegingen.
(Opmerking rechtbank: dit betreft het onder feit 12 tenlastegelegde). Voorts is op de beelden te zien dat de dader een zwart trainingsjack/vest draagt, dat volgens de verbalisant die de beelden heeft beschreven overeenkomt met het vest dat één van de daders van de inbraak aan de [adres 10] te ’s-Hertogenbosch in de nacht van 20 op 21 juli 2021 droeg, welke dader door de verbalisant is herkend als verdachte.
(Opmerking rechtbank: dit betreft het onder feit 11 tenlastegelegde en, onder verwijzing naar de overwegingen hierna dienaangaande volgend, door de rechtbank bewezenverklaarde feit.)Het vest op de beelden van de diefstal van de boot komt volgens de verbalisant eveneens overeen met het trainingsjack/vest dat verdachte droeg bij zijn aanhouding op 1 november 2021.
De bewezenverklaring.
De strafbaarheid van het feit.
De strafbaarheid van verdachte.
Oplegging van straf, bijkomende straf en maatregelen.
De vorderingen van de benadeelde partijen.
De vordering van [slachtoffer 1] (feit 1).De vordering betreffende materiële schade is niet betwist.
De vordering van [slachtoffer 24] (feit 14).
De vordering van [slachtoffer 25] (feit 17).
Overweging met betrekking tot de voorlopige hechtenis.
Beslag.
Toepasselijke wetsartikelen.
DE UITSPRAAK
De rechtbank:
gevangenisstrafvoor de duur van 4 (vier) jaren met aftrek overeenkomstig artikel 27 van Pro het Wetboek van Strafrecht.
ontzegging van de bevoegdheid motorrijtuigen te besturenvoor de duur van 8 (acht) maanden.