Uitspraak
RECHTBANK OOST-BRABANT
1.De procedure
- het verzoekschrift van [verzoeker] (met producties 1-8);
- het verweerschrift van Achmea (met producties 1 en 2);
- de mondelinge behandeling op 8 december 2022.
2.De feiten
3.1 Zicht Vespa bestuurder
vandaan kwam werd voor de Vespa bestuurder[rb: [A] ]
deels ontnomen door de naast de rijbaan geparkeerde auto’s. Voor wat betreft het zonlicht ontnam dit geen zicht voor de Vespa bestuurder; zie schaduwlijnen. […]
5.Reconstructie beeldvalidatie en snelheidsvalidatie
A.Snelheid Yamaha:
schrijft verder dat de Yamaha waarschijnlijk ook met deze snelheid de botsing met de overstekende Vespa is ingegaan. Men komt tot deze gedachte door aan te nemen dat de Yamahabestuurder over de afstand van 44 meter voor de botsing niet meer heeft kunnen reageren én uitvoering daaraan heeft kunnen geven door te remmen. Deze gedachte gaat mijns inziens niet met zekerheid op; een uitleg.
3.Het geschil
4.De beoordeling
Het beoordelingskader
maximaalheeft opgetrokken en bij de berekening van de 36 meter dat [A] vanaf dat punt
normaalheeft opgetrokken. Er zijn echter geen aanwijzingen dat [A] maximaal heeft opgetrokken. Geen van de getuigen verklaart dat, terwijl het voor de hand ligt dat zij het maximaal optrekken wel zouden hebben opgemerkt en daarover zouden hebben verklaard. Gelet op het bedachtzame rijgedrag van [A] voorafgaand aan het oprijden van de kruising (zoals hiervoor in 4.6 al gememoreerd), gaat de rechtbank ervan uit dat hij na het kijk- en beslismoment bij het daadwerkelijk oprijden van de kruising normaal optrok.