ECLI:NL:RBOBR:2024:1460

Rechtbank Oost-Brabant

Datum uitspraak
10 april 2024
Publicatiedatum
8 april 2024
Zaaknummer
C/01/399077 / HA ZA 23-763
Type
Uitspraak
Rechtsgebied
Civiel recht
Uitkomst
Afwijzend
Procedures
  • Eerste aanleg - enkelvoudig
Rechters
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Aangehaalde wetgeving Pro
Art. 3:72 BWArt. 210 RvArt. 217 Rv
Verwijzingen
5 uitgaand
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Niet-ontvankelijkheid vordering boedelgevolmachtigde in nalatenschapsbeheer

De hoofdzaak betreft het beheer van de nalatenschap van de moeder van [rechthebbende], waarbij Duet Advies als boedelgevolmachtigde was aangesteld. De eiseres, bewindvoerder van [rechthebbende], vordert onder meer verantwoording en terugbetaling van gelden die Duet Advies zou hebben ontvangen uit de nalatenschap.

Duet Advies vordert in een incident dat de eiseres niet-ontvankelijk wordt verklaard omdat zij niet in de juiste hoedanigheid is gedagvaard. De rechtbank oordeelt dat de vorderingen zien op rechten van de volmachtgever jegens de gevolmachtigde en dat Duet Advies niet als gevolmachtigde had moeten worden gedagvaard.

De rechtbank wijst de incidentele vordering tot niet-ontvankelijkheid af en veroordeelt Duet Advies in de proceskosten van het incident. De zaak wordt op 24 april 2024 opnieuw op de rol gezet voor beraad over een mondelinge behandeling.

Uitkomst: De rechtbank wijst de vordering tot niet-ontvankelijkheid af en veroordeelt Duet Advies in de proceskosten van het incident.

Uitspraak

vonnis

RECHTBANK OOST-BRABANT

Civiel Recht
Zittingsplaats 's-Hertogenbosch
zaaknummer / rolnummer: C/01/399077 / HA ZA 23-763
Vonnis in incident van 10 april 2024
in de zaak van
[eiseres] , H.O.D.N. [handelsnaam eiseres],
in haar hoedanigheid van bewindvoerder in de wettelijke schuldsaneringsregeling van
[rechthebbende]
te [plaats] ,
eisende partij in de hoofdzaak,
verwerende partij in het incident,
advocaat mr. J. van Andel te Utrecht,
tegen
DUET ADVIES B.V.,
te Eindhoven,
gedaagde partij in de hoofdzaak,
verwerende partij in het incident,
advocaat mr. J.W. Damstra te Apeldoorn.
Partijen zullen hierna [eiseres] en Duet Advies genoemd worden.

1.De procedure

1.1.
Het verloop van de procedure blijkt uit:
  • het vonnis in incident van 31 januari 2024, met de daarin genoemde stukken,
  • de conclusie van antwoord tevens houdende de incidentele vordering tot niet-
ontvankelijkverklaring,
- de incidentele conclusie van antwoord.
1.2.
Ten slotte is vonnis bepaald in het incident.

2.De beoordeling in het incident

2.1.
De hoofdzaak draait om het beheer van de nalatenschap van mevrouw [erflaatster] (hierna: de moeder). Zij was de moeder van [rechthebbende] (hierna: [rechthebbende] ).
2.2.
Bij beschikking van 19 augustus 2015 zijn de goederen van [rechthebbende] onder beschermingsbewind gesteld. Op 17 december 2019 heeft de beschermingsbewindvoerder een uitgebreide boedelvolmacht afgegeven aan Duet Advies.
2.3.
[rechthebbende] is enig erfgenaam van haar moeder. Op grond van de boedelvolmacht was Duet Advies gerechtigd om [rechthebbende] te vertegenwoordigen met betrekking tot de nalatenschap van haar moeder. Duet Advies was bevoegd om onder meer vorderingen en uitkeringen te innen.
2.4.
Bij vonnis van deze rechtbank van 19 juni 2020 is de schuldsanering natuurlijke personen (WSNP) van toepassing verklaard op [rechthebbende] . Bij beschikking van 1 september 2022 is [eiseres] benoemd tot opvolgend bewindvoerder van [rechthebbende] . De nalatenschap van de moeder valt in de WSNP-boedel.
2.5.
[eiseres] stelt in de hoofdzaak onder meer dat Duet Advies gelden onder haar heeft gekregen uit de nalatenschap van de moeder, die niet zijn verantwoord en afgedragen aan [rechthebbende] of haar bewindvoerder, [eiseres] .
2.6.
In de hoofdzaak vordert [eiseres] , samengevat:
- veroordeling van Duet Advies tot het afleggen van rekening en verantwoording over het
beheer van het inkomen en vermogen van de moeder,
- terugbetaling van opgenomen gelden die niet aantoonbaar ten goede zijn gekomen aan
de moeder, althans [rechthebbende] , althans [eiseres] ,
- een verklaring voor recht dat Duet Advies onrechtmatig heeft gehandeld dan wel
wanprestatie heeft gepleegd door zonder recht of titel een bedrag van € 107.902,56 onder
zich te houden en niet af te dragen aan [rechthebbende] dan wel [eiseres] ,
- veroordeling van Duet Advies tot betaling van € 107.902,56, vermeerderd met wettelijke
rente,
  • veroordeling van Duet Advies tot betaling van € 2.242,38 aan buitengerechtelijke kosten,
  • veroordeling van Duet Advies in de kosten van de procedure.
2.7.
In het incident vordert Duet Advies dat de rechtbank [eiseres] niet-ontvankelijk verklaart in haar vorderingen. Volgens Duet Advies had zij moeten worden gedagvaard in haar hoedanigheid van gevolmachtigde van [rechthebbende] . Zij is echter pro se gedagvaard.
2.8.
[eiseres] voert als verweer op de eerste plaats aan dat het beroep op de niet-ontvankelijkheid geen incidentele vordering is waarop bij incidenteel vonnis wordt beslist, maar een verweer in de hoofdzaak. Er is dus geen incident geopend. Voor zover [eiseres] hiermee bedoelt dat niet-ontvankelijkheid nooit in een incident kan worden gevorderd, volgt de rechtbank haar daarin niet. Een incident is een processuele verwikkeling die rechterlijke bemoeienis vereist, anders dan de beslechting van een materieel geschilpunt. Een aantal incidenten zijn in de wet geregeld, zoals vrijwaring (artikel 210 van Pro het Wetboek van Burgerlijke Rechtsvordering (Rv), voeging en tussenkomst (artikel 217 Rv Pro). Er is geen sprake van een gesloten stelsel van incidentele vorderingen. Dat betekent dat ook andere vorderingen bij incident kunnen worden ingesteld, mits het geen materieel geschilpunt betreft. Ook niet-ontvankelijkheid kan daar dus onder vallen.
2.9.
De boedelvolmacht van Duet Advies is ingegaan op 17 december 2019. [eiseres] stelt dat met het van toepassing verklaren van de WSNP op grond van artikel 3:72 onder Pro a BW de boedelvolmacht aan Duet Advies van rechtswege is geëindigd. De vorderingen van [eiseres] hebben zowel betrekking op handelen (of nalaten) van Duet Advies in de periode dat zij boedelgevolmachtigde was als op de periode nadat de boedelvolmacht volgens [eiseres] was geëindigd. Het gaat hierbij om vorderingen van, dan wel namens, de volmachtgever, [rechthebbende] , tegenover de gevolmachtigde, Duet Advies. Onder deze omstandigheden is er geen sprake van een situatie waarin Duet Advies in haar hoedanigheid van gevolmachtigde van [rechthebbende] had moeten worden gedagvaard.
2.10.
Gelet op het vorenstaande wordt de incidentele vordering afgewezen. Duet Advies zal als de in het ongelijk gestelde partij in de proceskosten van het incident worden veroordeeld.

3.De beslissing

De rechtbank
in het incident
3.1.
wijst het gevorderde af,
3.2.
veroordeelt Duet in de kosten van het incident, aan de zijde van [eiseres] tot op heden begroot op € 614,00,
in de hoofdzaak
3.3.
bepaalt dat de zaak weer op de rol zal komen van
24 april 2024voor beraad rolrechter omtrent het bepalen van een mondelinge behandeling.
Dit vonnis is gewezen door mr. E.J.C. Adang en in het openbaar uitgesproken op 10 april 2024.