ECLI:NL:RBOBR:2024:2560
Rechtbank Oost-Brabant
- Eerste aanleg - meervoudig
- Rechtspraak.nl
Boetevermindering voor overtreding bewaarplicht mestmonsters na gaatjes prikken in sealzakken
Eiseres, een intermediair in dierlijke meststoffen, kreeg een bestuurlijke boete opgelegd wegens overtreding van artikel 80, derde lid, van de Uitvoeringsregeling Meststoffenwet door het prikken van gaatjes in 186 sealzakken met mestmonsters, waardoor deze niet in goede staat werden bewaard.
De rechtbank oordeelde dat het prikken van gaatjes de integriteit en representativiteit van de mestmonsters aantast, omdat stoffen zoals ammoniak kunnen vervliegen en het controlesysteem wordt ondermijnd. Eiseres stelde dat zij dit deed om scheuren door druk te voorkomen, maar de rechtbank vond dit onvoldoende om de overtreding te ontkennen.
Hoewel verwijtbaarheid niet hoeft te worden bewezen, stelde eiseres dat de zakken gebrekkig waren en zij geen schuld had. De rechtbank vond dat eiseres maatregelen had kunnen nemen om knappen te voorkomen en dat zij de zakken bovendien niet correct had afgesneden, waardoor de zakken minder druk konden verdragen.
De boete werd met 50% gematigd omdat het de eerste overtreding betrof en er geen frauduleus handelen was. De rechtbank vernietigde het bestreden besluit voor zover het de hoogte van de boete betrof en stelde de boete vast op €26.900,-. Daarnaast werd de minister veroordeeld tot vergoeding van griffierecht en proceskosten aan eiseres.
Uitkomst: De boete voor het niet in goede staat bewaren van mestmonsters wordt met 50% gematigd tot in totaal €26.900,-.