ECLI:NL:RBOBR:2024:3551
Rechtbank Oost-Brabant
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Ongegrond beroep tegen last onder dwangsom en sluiting opslagbox wegens drugsvondst
De eigenaar van een perceel met opslagboxen werd geconfronteerd met een last onder dwangsom en een last onder bestuursdwang nadat in een door hem verhuurde opslagbox een grote hoeveelheid harddrugs en productiemiddelen werd aangetroffen. Dit was de tweede drugsvondst binnen drie jaar op zijn perceel, wat volgens het Damoclesbeleid van de burgemeester recidive betekent.
De rechtbank oordeelt dat eiser als eigenaar en verhuurder beschikkingsmacht had over de opslagbox en onvoldoende toezicht hield, ondanks eerdere waarschuwingen en verstrekte informatie. Hierdoor heeft hij de overtreding aanvaard en is hij terecht als overtreder aangemerkt. De last onder dwangsom is niet te ruim geformuleerd en de hoogte ervan is niet onevenredig, mede gebaseerd op de straatwaarde van de aangetroffen drugs.
De rechtbank wijst het beroep af en stelt dat er geen sprake is van dubbele bestraffing omdat het hier herstelsancties betreft. Wel merkt de rechtbank op dat de combinatie van dwangsom en bestuursdwang in dit geval tot een merkwaardige situatie kan leiden, maar dat de doelmatigheid van het besluit niet ter beoordeling staat. Het beroep wordt ongegrond verklaard en eiser krijgt geen proceskostenvergoeding.
Uitkomst: Het beroep van eiser tegen de last onder dwangsom en bestuursdwang wordt ongegrond verklaard.