ECLI:NL:RBOBR:2024:3773

Rechtbank Oost-Brabant

Datum uitspraak
24 juli 2024
Publicatiedatum
20 augustus 2024
Zaaknummer
C/01/398765 / HA ZA 23-736
Instantie
Rechtbank Oost-Brabant
Type
Uitspraak
Rechtsgebied
Civiel recht
Uitkomst
Toewijzend
Procedures
  • Tussenuitspraak
Rechters
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Aangehaalde wetgeving Pro
Art. 223 Rv
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Toewijzing voorschotvordering in civiel incident tussen Fontexx Cranes en ITC

In deze civiele bodemzaak tussen Fontexx Cranes en S&B Investments enerzijds en Rada Holding en andere gedaagden anderzijds, vordert ITC in een incident een voorschot op haar vordering in de hoofdzaak. Fontexx Cranes heeft niet gereageerd op deze incidentele vordering.

De rechtbank oordeelt dat ITC voldoende belang heeft bij het voorschot en dat de vordering tot het gevorderde bedrag voldoende vaststaat om een voorlopige voorziening te rechtvaardigen. De rechtbank wijst het verzoek toe en veroordeelt Fontexx Cranes tot betaling van €125.000,- als voorschot.

Daarnaast wordt Fontexx Cranes veroordeeld in de proceskosten van het incident, begroot op €792,-, te voldoen binnen veertien dagen na aanschrijving. Het vonnis is uitvoerbaar bij voorraad verklaard en de rechtbank zal in de hoofdzaak een mondelinge behandeling plannen.

Uitkomst: Fontexx Cranes wordt veroordeeld tot betaling van een voorschot van €125.000,- aan ITC en in de proceskosten van het incident.

Uitspraak

RECHTBANK Oost-Brabant
Civiel recht
Zittingsplaats 's-Hertogenbosch
Zaaknummer: C/01/398765 / HA ZA 23-736
Vonnis in incident van 24 juli 2024
in de zaak van

1.FONTEXX CRANES AND ACCESS B.V.,

te Bergeijk,
eiseres in conventie,
verweerster in reconventie,
verweerster in het incident,
hierna te noemen: Fontexx Cranes,
advocaat: mr. H.J.D. ter Waarbeek te Zevenaar,
2.
S&B INVESTMENTS B.V.,
te Mijdrecht,
eiseres in conventie,
verweerster in reconventie,
hierna te noemen: S&B,
advocaat: mr. H.J.D. ter Waarbeek te Zevenaar,
tegen

1.RADA HOLDING B.V.,

te Eindhoven,
gedaagde in conventie,
eiseres in reconventie,
advocaat: mr. M.J. Blommaert te Eindhoven,
2.
RADA INTERNATIONAL B.V.,
te Eindhoven,
gedaagde in conventie,
eiseres in reconventie,
advocaat: mr. M.J. Blommaert te Eindhoven,
3.
[gedaagde sub 3],
te [plaats] ,
gedaagde in conventie,
eiser in reconventie,
hierna te noemen: [gedaagde sub 3] ,
advocaat: mr. M.J. Blommaert te Eindhoven,
4.
INTERNATIONAL TOWER CRANES & ACCESS EQUIPMENT SERVICES B.V.,
te Veldhoven,
gedaagde in conventie,
eiseres in reconventie,
eiseres in het incident,
hierna te noemen: ITC,
advocaat: mr. M.J. Blommaert te Eindhoven,
5.
[gedaagde sub 5] B.V.,
te [plaats] ,
gedaagde in conventie,
eiseres in reconventie,
advocaat: mr. M.J. Blommaert te Eindhoven,
6.
[gedaagde sub 6],
te [plaats] ,
gedaagde in conventie,
eiser in reconventie,
hierna te noemen: [gedaagde sub 6] ,
advocaat: mr. M.J. Blommaert te Eindhoven.
Fontexx Cranes en S&B worden hierna gezamenlijk S&B c.s. (vrouwelijk, enkelvoud) genoemd. Gedaagden in conventie, eisers in reconventie, worden hierna gezamenlijk Rada c.s. (vrouwelijk, enkelvoud) genoemd.

1.De procedure

1.1.
Het verloop van de procedure blijkt uit:
- het vonnis in incident van 17 april 2024
- de conclusie houdende incidentele vordering ex artikel 223 Rv Pro (voorlopige voorziening) van ITC van 29 mei 2024
- de tegen Fontexx Cranes verleende akte niet dienen voor antwoord in het incident.
1.2.
Vervolgens heeft de rechtbank bepaald dat vonnis zal worden gewezen in het incident.

2.De beoordeling van het geschil in het incident

2.1.
ITC vordert in dit incident betaling door Fontexx Cranes van een bedrag van € 125.000,- als voorschot op haar vordering in reconventie in de hoofdzaak.
Fontexx Cranes heeft niet op deze incidentele vordering geantwoord en daartegen dus geen verweer gevoerd.
2.2.
Naar het oordeel van de rechtbank heeft ITC voldoende processueel belang bij de incidentele vordering. De gevraagde voorlopige voorziening hangt samen met de hoofdvordering en is gericht op een voorziening die voor de duur van de aanhangige bodemprocedure kan worden gegeven. Derhalve moet worden beoordeeld of een afweging van de materiële belangen van partijen de gevorderde ordemaatregel rechtvaardigt. Bij een voorziening in de vorm van betaling van een geldsom is dat in verband met het restitutierisico meestal alleen het geval indien de vordering tot het beloop van het gevorderde voorschot reeds voldoende vaststaat dan wel op eenvoudige wijze kan worden vastgesteld.
In dit geval staat de vordering van ITC tot het beloop van het gevorderde voorschot voldoende vast. De incidentele vordering wordt daarom toegewezen.
2.3.
Fontexx Cranes wordt als de in het ongelijk gestelde partij veroordeeld in de proceskosten van ITC in het incident (inclusief nakosten). Deze worden aan de zijde van ITC begroot op:
  • € 614,- aan salaris advocaat (1,0 punt x tarief van € 614,-)
  • € 178,- aan nakosten (plus de verhoging vermeld in de beslissing).
  • € 792,- totaal

3.De beslissing

in het incident:
3.1.
veroordeelt Fontexx Cranes tot betaling, bij wijze van voorschot voor de duur van de hoofdzaak, van een bedrag van € 125.000,- aan ITC,
3.2.
veroordeelt Fontexx Cranes in de kosten van dit incident, aan de zijde van ITC tot op heden begroot op € 792,-, te betalen binnen veertien dagen na aanschrijving daartoe, te vermeerderen met € 92,- plus de kosten van betekening als Fontexx Cranes niet tijdig aan de veroordelingen voldoet en het vonnis daarna wordt betekend,
3.3.
verklaart dit vonnis tot zover uitvoerbaar bij voorraad,
in de hoofdzaak:
3.4.
verstaat dat in de hoofdzaak een mondelinge behandeling zal worden gepland.
Dit vonnis is gewezen door mr. L.S. Frakes en in het openbaar uitgesproken op 24 juli 2024.