Uitspraak
RECHTBANK OOST-BRABANT
[verdachte] ,
De tenlastelegging.
- een totaal van EUR 6.697.764,-
- een totaal van EUR 6.106.415,-
van 05 april 2020 tot en met 12 juni 2020:
- een totaal van EUR 1.699.710,-
- een totaal van EUR 1.902.240-,
te Lith, gemeente Oss, en/of Waalwijk en/of Hellouw, gemeente West Betuwe, en/of (elders) in Nederland en/of Dubai (VAE) en/of een of meer plaatsen in Spanje en/of het Verenigd Koninkrijk.
Geldigheid van de dagvaardingen.
Ontvankelijkheid van het Openbaar Ministerie.Het standpunt van de verdediging.
De overige formele voorvragen.
Onderzoek 26Leon.
71.262135.22) feit 1 (van
71.108855.23) en de feiten 1, 2, 4 en 5 (van
71.237238.23) – onvoldoende bewijs voorhanden is, nu de verdenking enkel bestaat uit cryptoberichten. Daarnaast kan uit deze berichten geen ondubbelzinnige conclusie worden getrokken dat er gesproken wordt over verdovende middelen of medeplegen. Ook staat niet vast dat er telkens echte verdovende middelen zijn geleverd. De middelen zijn niet in beslag genomen en dus ook niet getest.
71.262135.22bepleit de verdediging het volgende. Ten aanzien van de voorbereidingshandelingen is de raadsman van mening dat bewijs ontbreekt ten aanzien van de ‘bulkboot’ (waarmee verdovende middelen zouden worden ingevoerd) en de voorbereiding van de invoer van 4000 kilo. Er heeft geen concrete afspraak plaatsgevonden over de bulkboot. Daarnaast blijkt met betrekking tot de 4000 kilo uit de berichten evident dat het enkel om 2000 stuks zou gaan in plaats van 4000 stuks. Met betrekking tot de voorbereiding van de invoer van 1200 kilo cocaïne merkt de raadsman op dat dit feit tevens als een voltooid delict ten laste is gelegd. De raadsman verzoekt de hiervoor genoemde voorbereidingshandelingen niet mee te nemen. Ten aanzien van dat voltooide delict is enkel sprake van betrokkenheid van verdachte bij de invoer van 200 kilo cocaïne. Dit betekent echter niet dat er sprake is van medeplegen. Er is geen wezenlijke bijdrage geleverd door verdachte. Het enkel informeren naar de vorderingen rondom de invoer is onvoldoende. Verdachte dient te worden vrijgesproken van dit onderdeel.
71.108855.23heeft de raadsman het volgende naar voren gebracht. Uit het dossier blijkt niet dat verdachte enige bemoeienis heeft gehad met de voorbereiding, organisatie en uitvoering van het transport van 50 kilo cocaïne naar Nederland. Daarnaast is geen sprake van een verlengde invoer, omdat verdachte geen beschikkingsmacht had over de verdovende middelen. Vrijspraak dient te volgen. Met betrekking tot het gewoontewitwassen onder feit 2 merkt de raadsman op dat uit de chatberichten niet is gebleken dat de €22.000,-- in Spanje is overgedragen. Dit dient te leiden tot vrijspraak. Dit geldt ook ten aanzien van de ten laste gelegde €160.000,--. Niet vaststaat dat het geldbedrag is opgehaald. Ten aanzien van feit 3 blijkt niet dat de geldbedragen van enig misdrijf afkomstig zijn. Verdachte dient te worden vrijgesproken.
71.151754.23, is de raadsman van mening dat verdachte dient te worden vrijgesproken. Uit de bewijsmiddelen volgt niet dat er via de inzet van enig uitlokkingsmiddel is gepoogd om uit te lokken. Van enige concretisering van plaats, tijd en modus operandi is geen sprake.
71.237238.23het volgende. Ten aanzien van de (verlengde) uitvoer van 104 kilo cocaïne is de raadsman van mening dat uit de berichten onvoldoende blijkt dat het daadwerkelijk gaat om 104 kilo. Niet uit te sluiten valt dat het om verschillende partijen gaat. Verdachte dient te worden vrijgesproken. Voor het gewoontewitwassen, zoals ten laste gelegd onder feit 3, dient verdachte te worden vrijgesproken. Uit het dossier blijkt niet dat de bedragen van €6.697.764,-- en €6.106.415,-- daadwerkelijk zijn ontvangen of uitgegeven. Financiële notities zijn daarvoor niet voldoende. Ook het aantreffen van de bedragen van €1.699.710,-- en €1.902.240,-- in de chatberichten is onvoldoende om witwassen te bewijzen, nu er geen geld in beslag is genomen. Tevens is niet gebleken dat het om echt geld ging. Met betrekking tot het aanwezig hebben van 2500 kilo MDMA is de raadsman van mening dat één bericht te onbepaald is om tot het bewijs daarvan te kunnen bijdragen. Daarnaast bevond de eventuele MDMA zich niet in de beschikkingsmacht van de verdachte. Vrijspraak dient te volgen. Tot slot merkt de raadsman ten aanzien van feit 6 en feit 7 op (de criminele organisatie) dat het fundament daaronder wegvalt indien de overige bewijsverweren worden gevolgd. Verdachte dient ook van deze feiten te worden vrijgesproken.
Identificatie van de cryptocommunicatie-accounts en gebruikte bijnamen.
Specifieke overwegingen met betrekking tot de tenlastegelegde feiten.
Verdachte heeft zich op zijn zwijgrecht beroepen en daarmee niets tegen het vermoeden van witwassen ingebracht.
De rechtbank komt tot een bewezenverklaring van dit feit.
Algemeen.
De organisatie.
De rol van verdachte en andere leden van de organisatie.
De bewezenverklaring.
hebbende hij, verdachte, en/of (een of meer van) zijn mededader(s) (telkens)
-(hiertoe) met die ander (gebruiker van het EncroChat-account [encrochataccount 5] en/of ‘ [alias 1] ’ en/of ‘ [alias 2] ’) (een) afspra(a)k(en) gemaakt;
De strafbaarheid van de feiten.
De strafbaarheid van verdachte.
Oplegging van straf en maatregel.
€ 87.000,--. De officieren van justitie vorderen daarnaast om de gronden waarop het bevel tot voorlopige hechtenis is gebaseerd, uit te breiden met de grond: ‘ernstig gevaar voor vlucht’.
Voorlopige hechtenis.
Beslag.
Toepasselijke wetsartikelen.
DE UITSPRAAK
15 jaar, met aftrek overeenkomstig artikel 27 Wetboek Pro van Strafrecht.