Uitspraak
Het standpunt van de officier van justitie.
2 jaren voorwaardelijkmet aftrek overeenkomstig artikel 27 Wetboek Pro van Strafrecht en een proeftijd van 2 jaren.
Rechtbank Oost-Brabant
De rechtbank Oost-Brabant heeft verdachte schuldig bevonden aan het medeplegen van strafbare voorbereidingshandelingen en het vervoeren van circa 104 kilogram zuivere MDMA en ruim 8 kilogram PMK, voldoende voor productie van ruim 1,3 miljoen xtc-tabletten. De feiten dateren uit 2012 en betroffen een internationale drugshandel met verzending naar Australië.
De verdediging stelde dat het recht op een eerlijk proces was geschonden door het lange tijdsverloop van bijna twaalf jaar en vroeg niet-ontvankelijkheid van het Openbaar Ministerie. De rechtbank oordeelde echter dat de redelijke termijn pas in 2022 begon te lopen en dat er geen schending van verdedigingsrechten was, mede omdat geen onderzoekswensen waren ingediend en er voldoende objectief bewijs was.
De rechtbank stelde vast dat verdachte actief betrokken was bij het ophalen, vervoeren en afleveren van de olijfolieflessen waarin de drugs waren verborgen, en dat hij bewust deelnam aan de voorbereidingen en uitvoering van de drugssmokkel. Het alternatief scenario van de verdediging werd verworpen.
Gezien de ernst van de feiten, de grote hoeveelheid drugs en de georganiseerde aard van het misdrijf, maar ook rekening houdend met het lange tijdsverloop en de beperkte rol van verdachte, legde de rechtbank een gevangenisstraf van 2 jaar voorwaardelijk op met een proeftijd van 2 jaar. De rechtbank beoogt hiermee de ernst te benadrukken en invloed uit te oefenen op toekomstig gedrag.
Uitkomst: Verdachte is veroordeeld tot 2 jaar voorwaardelijke gevangenisstraf met een proeftijd van 2 jaar wegens medeplegen van drugshandel en vervoer van 104 kg MDMA.