Uitspraak
RECHTBANK Oost-Brabant
1.De procedure
- de akte herstel verzuim substantiëringsplicht in vrijwaring van [eiser] ,
- de mondelinge behandeling van 10 september 2024, die plaatsvond tegelijk met de mondelinge behandeling van de hoofdzaak van Port Finance B.V. tegen [eiser] (zaaknummer C/01/392923 / HA ZA 23-305, hierna: de hoofdzaak), waarvan door de griffier aantekeningen zijn gemaakt.
2.De beoordeling
(€ 5.576,20) in de hoofdzaak, maar slechts tot betaling van evenredige delen daarvan
(€ 507,65 aan buitengerechtelijke incassokosten en € 2.365,87 aan proceskosten; in totaal dus € 2.873,52). Dit is berekend naar evenredigheid van de in de hoofdzaak toegewezen bedragen aan hoofdsommen op grond van de vorderingen van [gedaagde] en [A] .