ECLI:NL:RBOBR:2024:5464
Rechtbank Oost-Brabant
- Wraking
- Rechtspraak.nl
Niet-ontvankelijkheid wrakingsverzoek wegens ontbreken nieuwe feiten of omstandigheden
Verzoeker diende een tweede wrakingsverzoek in tegen mr. J. Woestenburg, rechter in de rechtbank Oost-Brabant, naar aanleiding van een eerdere wraking die ongegrond werd verklaard. Verzoeker stelde dat er stukken ontbreken of ten onrechte zijn opgenomen in het dossier, maar deze punten waren reeds bij het eerste verzoek aan de orde gesteld.
De wrakingskamer beoordeelde het verzoek op grond van artikel 8:15 van Pro de Algemene wet bestuursrecht en het wrakingsprotocol van de rechtbank Oost-Brabant. Hierbij geldt een vermoeden van onpartijdigheid van de rechter, tenzij uitzonderlijke omstandigheden een zwaarwegende aanwijzing geven voor vooringenomenheid.
Omdat verzoeker geen nieuwe feiten of omstandigheden aanvoerde die na het eerste wrakingsverzoek bekend werden, werd het tweede verzoek zonder mondelinge behandeling ongegrond verklaard. De beslissing is definitief en niet vatbaar voor beroep.
Uitkomst: Het tweede wrakingsverzoek is niet-ontvankelijk verklaard wegens het ontbreken van nieuwe feiten of omstandigheden.