Uitspraak
RECHTBANK OOST-BRABANT
[verdachte] ,
De tenlastelegging.
De formele voorvragen.
Bewijs
De bewijsmiddelen.
Ten aanzien van feit 2:
- Een proces-verbaal van aangifte van [slachtoffer 3] (pag. 122-123)
- Een proces-verbaal van bevindingen (pag. 124)
Bewijsoverweging ten aanzien van feit 1.
het feitwordt gepleegd op de openbare weg, een hoger strafmaximum geldt. Met ‘het feit’ wordt naar het oordeel van de rechtbank bedoeld de in het eerste lid omschreven ‘diefstal met geweld’. Ook indien zich de wegnemingshandeling niet, maar (de bedreiging met) het geweld wel op de openbare weg heeft afgespeeld, kan worden geoordeeld dat de strafverzwarende omstandigheid ‘op de openbare weg’ van toepassing is. Dit zou anders kunnen zijn als (de bedreiging met) het geweld dat zich heeft voorgedaan, geen verband meer houdt met de diefstal, maar gezien moet worden als een op zichzelf staand geweldsincident. Daarvan is echter in onderhavig geval geen sprake.
De bewezenverklaring.
De strafbaarheid van het feit.
De strafbaarheid van verdachte.
Oplegging van straf en/of maatregel.
De voorlopige hechtenis.
De vordering van de benadeelde partij [slachtoffer 1] .
De vordering van de benadeelde partij [slachtoffer 3] .
dit zijn de bedragen, zoals deze zijn genoemd in de vordering)
- fiets € 2550,--,
- kettingslot € 40,95,
- verzekering Enra optimaal Casco € 349,16
- servicepakket € 100,--,
- bagagedragerverbreder € 24,95 en
- één telefoonhouder € 26,17.