ECLI:NL:RBOBR:2024:6754
Rechtbank Oost-Brabant
- Wraking
- Rechtspraak.nl
Afwijzing wrakingsverzoek tegen rechter wegens doorverwijzing van zaken
Verzoeker diende een wrakingsverzoek in tegen mr. M.P. Bos, rechter bij de rechtbank Oost-Brabant, naar aanleiding van de doorverwijzing van twee zaken naar de rechtbank Gelderland. Verzoeker vond de beslissing onbegrijpelijk en meende dat deze voortkwam uit vooringenomenheid.
De rechter stelde dat zij niet meer de behandelend rechter was en dat een zitting niets had veranderd aan de situatie. De wrakingskamer oordeelde dat het wrakingsverzoek wel ontvankelijk was omdat het gericht was tegen een beslissing genomen toen de rechter nog behandelend was.
Echter, de wrakingskamer wees het verzoek af omdat het gesloten stelsel van rechtsmiddelen bepaalt dat rechterlijke tussenbeslissingen niet kunnen leiden tot wraking. De wrakingskamer kan niet oordelen over de juistheid van de beslissing, dat is voorbehouden aan de rechter die de zaak inhoudelijk behandelt.
Er werd geen mondelinge behandeling gehouden omdat het debat over de gegrondheid van het verzoek niet aan de orde was. De wrakingskamer verklaarde het verzoek ongegrond en stelde dat tegen deze beslissing geen rechtsmiddel openstaat.
Uitkomst: Het wrakingsverzoek tegen de rechter wegens doorverwijzing van zaken is ongegrond verklaard.