Uitspraak
RECHTBANK OOST-BRABANT
hierna te noemen: verzoeker,
1.De procedure
2.Het verzoek en de reactie van de rechter
Dus bij deze wraak ik [verzoeker] de uitspraak van de rechtbank”.
Vrijdag webinar: live demo van Lexboost
Rechtbank Oost-Brabant
Verzoeker, betrokken bij een procedure over wijziging van zorg- en opvoedingstaken, diende een wrakingsverzoek in tegen de rechter nadat deze al een einduitspraak had gedaan. De wrakingskamer oordeelde dat het verzoek niet-ontvankelijk was omdat de wet geen mogelijkheid biedt tot wraking na einduitspraak.
Verzoeker stelde dat een brief die hij vlak voor de zitting had laten bezorgen niet in de uitspraak was meegenomen. De rechter reageerde dat deze brief pas na de uitspraak was ontvangen, waardoor deze niet in de beslissing kon worden betrokken.
De wrakingskamer besloot het verzoek zonder zitting af te doen wegens kennelijke niet-ontvankelijkheid. Er is geen mogelijkheid tot hoger beroep tegen deze beslissing.
Uitkomst: Wrakingsverzoek afgewezen omdat het verzoek na de einduitspraak werd ingediend en daarom niet-ontvankelijk is.