De rechtbank Oost-Brabant heeft op 15 januari 2025 een rolbeslissing genomen in de zaak tussen Stichting Droogteschade Waterwinning (SDW) en een groep drinkwaterbedrijven. Het betreft een collectieve actie op grond van de Wet afwikkeling massaschade in collectieve zaken (WAMCA). De rechtbank heeft het procedureverloop voor de eerste fase vastgesteld, die voorafgaat aan de inhoudelijke behandeling.
De rechtbank heeft voorgesteld de voorvragen in twee stappen te behandelen: eerst de bevoegdheid van de rechtbank en het toepasselijk wettelijk regime (WAMCA en/of artikel 3:305a BW), gevolgd door de ontvankelijkheidseisen van de collectieve actie. Partijen hebben zich hierover uitgelaten, waarbij SDW kortere termijnen wenst en de drinkwaterbedrijven juist langere termijnen voor de eerste conclusie. De rechtbank handhaaft termijnen van 12 weken voor de conclusies van de drinkwaterbedrijven en 4 weken voor de incidentele antwoordconclusie van SDW.
De rechtbank heeft ook afspraken gemaakt over de afstemming van processtukken tussen de drinkwaterbedrijven en tussen partijen, waarbij volledige afstemming tussen SDW en de drinkwaterbedrijven niet wordt geëist, maar wel wordt gestimuleerd om de procedure efficiënt te laten verlopen.
Verder is bepaald dat de eerste mondelinge behandeling gepland zal worden in juli of september 2025, waarbij rekening wordt gehouden met de beschikbaarheid van partijen. Verdere beslissingen worden aangehouden. Deze rolbeslissing draagt bij aan een gestructureerde en ordentelijke voortgang van deze omvangrijke collectieve procedure.