Uitspraak
RECHTBANK OOST-BRABANT
1.De procedure
2.Waar gaat het over?
- [meerderjarige 1], op [datum];
- [meerderjarige 2], op [datum].
Vrijdag webinar: live demo van Lexboost
Rechtbank Oost-Brabant
De vader verzocht de rechtbank om de eerder vastgestelde kinderalimentatie, die sinds 2014 geldt en geïndexeerd is tot €257 per kind per maand in 2025, met ingang van 5 augustus 2024 te wijzigen naar nihil. Hij stelde dat zijn omstandigheden waren gewijzigd, onder meer door zijn hertrouwen, gewijzigde woonlasten en inkomensverlies, en dat hij de bijdrage niet meer kon betalen.
De moeder was het niet eens met dit verzoek en betoogde dat het inkomensverlies van de vader hem zelf te verwijten was, mede door het aangaan van een krediet. Tijdens de mondelinge behandeling werden partijen gehoord.
De rechtbank oordeelde dat de wijziging van omstandigheden onvoldoende onderbouwd was. De vader had niet aangetoond dat zijn woonlasten relevant waren gewijzigd en dat zijn inkomensverlies niet herstelbaar was. De rechtbank volgde het advies van de Expertgroep Alimentatie dat geen rekening wordt gehouden met inkomensverlies dat de onderhoudsplichtige zelf heeft veroorzaakt, tenzij herstel niet redelijkerwijs van hem kan worden verlangd.
De rechtbank stelde vast dat de vader in staat is zijn inkomen te herstellen, bijvoorbeeld als vrachtwagenchauffeur, en dat hij zijn keuze om zelfstandige te worden en een onderneming te starten voor eigen risico neemt. Daarom is er geen reden om de alimentatie te wijzigen. Het verzoek werd afgewezen.
Uitkomst: Het verzoek van de vader tot wijziging van de kinderalimentatie naar nihil wordt afgewezen wegens het ontbreken van rechtens relevante gewijzigde omstandigheden.